welkom
extra
Solidariteit

Naar aanleiding van de tentoonstelling over het Waterlooplein

De roosjes en de bolsjewiek

Harry Peer schreef 20 december 2020 voor webzine Solidariteit een artikel over het Waterlooplein. Aanleiding was de tentoonstelling Waterlooplein. De buurt binnenstebuiten die te zien was in het Joods Museum. Te midden van de vele bijzonderheden viel een schrift met notulen op van de Vereniging van Roosjessnijdsters over de periode 1896-1900.

Eén van de gepubliceerde reacties was van José Bolten. Zij haakte aan bij de roosjesslijpsters en vertelde dat zij van haar moeder een gouden ringetje met een roosgeslepen diamantje had gekregen die dat op haar beurt had geërfd van een oudtante. José begreep later dat ze een 'bolsjewiek' om haar vinger had gewonden. Die term verwees naar de diamanten die na de Russische revolutie onder andere in Amsterdam verhandeld werden.

Talisman

Daarop volgde een greep door Maurice Ferares uit zijn lange geschiedenis:

Een leuk verhaal van José Bolten over de diamanten die bolsjewieken werden genoemd. Ik heb die bolsjewieken gekend en ken er nog eentje. Mijn moeder was roosjessnijdster. Ze deed dat in een atelier in een kamer van de woning van haar baas Hammelburg, juwelier op de Nieuwe Prinsengracht en ook bij ons thuis voor het raam van de huiskamer voor goed licht.

Mijn vader is korte tijd in Antwerpen in 'het vak' geweest en heeft daar roosjes gesneden. Hij gaf mijn moeder een gouden verlovingsring in 1916. Daar zat een roosje in dat hij zelf had gesneden. Ik heb die ring in 1940 gekregen en hem gedurende de vijf jaren bezetting als talisman om mijn rechter pink gedragen. Na de oorlog heb ik heb hem aan mijn oudste dochter gegeven die de ring nog steeds draagt.

S symbool