De winstmakers van de Israëlische bezetting
Pensioenfondsen investeren 48 miljard euro
The Rights Forum (1)
Nederlandse financiële instellingen investeerden in totaal 68 miljard euro in bedrijven die bijdragen aan de Israëlische bezetting en genocide. Ruim twee derde daarvan kwam voor rekening van elf pensioenfondsen. Koploper is ABP (overheid en onderwijs) met 17,6 miljard.
Dat blijkt uit het dinsdag 25 november jongstleden verschenen Don´t buy into occupation. Dit rapport documenteert de investeringen van 47 Europese banken en de top honderd van Europese institutionele beleggers in 104 internationale bedrijven die betrokken zijn bij de Israëlische bezetting, apartheid en/of genocide. Het betreft investeringen tussen januari 2023 en augustus 2025.
ABP verreweg grootste investeerder
Hier de belangrijkste bevindingen:
- De 47 Europese banken investeerden in totaal 269.530 miljard euro in leningen en verzekeringen. De top honderd van financiële instellingen – banken, pensioenfondsen, vermogensbeheerders en verzekeraars – investeerden 1.304.232 miljard euro in aandelen en obligaties. De totale investering bedroeg 1.573.762 miljard euro.
- Tot de 47 banken behoren de Nederlandse ING en Rabobank. Samen verschaften die voor ruim 9,5 miljard euro aan leningen en verzekeringen aan twintig bedrijven. Daarvan zijn de investeringen van ING verreweg het grootst: bijna 8,7 miljard euro in negentien bedrijven.
- In de top honderd van Europese institutionele beleggers staan elf Nederlandse financiële instellingen. Dat aantal is ten behoeve van de Nederlandse versie van het rapport (de country brief) uitgebreid met negen instellingen die ook zijn onderzocht, maar buiten de top honderd vielen.
- De twintig instellingen zijn: ABN Amro, Achmea, Aegon, ASR, Cardano Group, Exor, ING, MN Services, Van Landschot Kempen. Plus maar liefst elf pensioenfondsen: ABP, bpfBouw, BPL Pensioen, Detailhandel, Horeca & Catering, Metalektro, PFZW, PGB, PMT, Rail & Openbaar Vervoer, en het Pensioenfonds Vervoer. Samen investeerden de twintig instellingen 58,5 miljard euro in aandelen en obligaties van 73 bedrijven.
- Het totaal aan investeringen van 21 Nederlandse banken en institutionele beleggers (ING komt in beide categorieën voor) bedraagt dus 68 miljard euro. Pensioenfonds ABP is met 17,6 miljard euro verreweg de grootste investeerder, gevolgd door ING met 12,5 miljard en pensioenfonds PFZW met 5,5 miljard. De elf pensioenfondsen investeerden samen 48 miljard euro.
Doe het niet!
Don’t Buy Into Occupation (DBIO) is een coalitie van 25 Europese en Palestijnse ngo’s en vakbonden, gevestigd in zeven Europese landen. De Nederlandse leden van de coalitie zijn Bank Track, PAX en The Rights Forum.
Het nu verschenen rapport is het vijfde sinds de coalitie in 2021 haar onderzoek startte. Het ging om de relaties tussen Europese financiële instellingen en bedrijven die betrokken zijn bij de bouw, uitbreiding, onderhoud en/of instandhouding van de illegale Israëlische nederzettingen. Alle op de bezette Westelijke Jordaanoever, inclusief Oost-Jeruzalem. Het vierde rapport verscheen op 26 november 2024.
Criteria aangepast aan realiteit
Voor het vijfde rapport heeft de coalitie deze criteria uitgebreid door niet alleen te kijken naar betrokkenheid van bedrijven bij de nederzettingen, Maar ook bij activiteiten die bijdragen aan de Israëlische bezetting als geheel, aan apartheid en/of aan de genocide in Gaza.
De uitbreiding volgt op de dramatisch verslechterde mensenrechten situatie op de Westelijke Jordaanoever, de genocide in Gaza en op de internationale juridische oordelen hierover. Op 19 juli 2024 oordeelde het Internationale Gerechtshof dat de Israëlische aanwezigheid in de bezette Palestijnse gebieden illegaal is, en dat daar sprake is van apartheid en raciale segregatie.
In januari 2024 erkende het Gerechtshof het risico dat Israël in Gaza genocide pleegt. Intussen is er een brede consensus onder onderzoekers dat Israël in Gaza inderdaad genocide pleegt. De Israëlische misdaden op de Westelijke Jordaanoever en in Oost-Jeruzalem worden steeds vaker als etnische zuiveringen en misdaden tegen de menselijkheid erkend.
Investeringsvehikel
Deze feiten hebben de verplichtingen van bedrijven en instellingen nog verder op scherp gesteld. Meer dan ooit dienen zij zich te verzekeren dat hun activiteiten niet bijdragen aan mensenrechtenschendingen. Tevergeefs. De naar alle maatstaven illegale realiteit van bezetting is nog steeds een populair investeringsvehikel, waaraan bedrijven zich graag vergrijpen en verrijken.
Op grond van de uitgebreide criteria identificeerde de coalitie 104 bedrijven, waarvan er twee in Nederland zijn gevestigd: Het beruchte Booking.com en CNH Industrials. Veel van de overige bedrijven zijn in Nederland actief, zoals bijvoorbeeld het Spaanse spoorbedrijf CAF dat in opdracht van Israël werkt aan een tramlijn die Israëls illegale nederzettingen verbindt met Israël zelf.
Verrijking met misdaden
Wat betekenen de investeringen wél en niet?
- De 104 in het rapport genoemde bedrijven zijn meestal niet alleen actief in de bezette Palestijnse gebieden. Hun activiteiten in bezet gebied maken vaak slechts een beperkt deel uit van hun werkterrein en omzet.
- Investeringen in die bedrijven dragen dus slechts deels bij aan de activiteiten in bezet gebied, maar toch noemt het rapport de volledige investeringen. Dat heeft twee redenen. Ten eerste is zo’n onderverdeling vrijwel niet te achterhalen. Ten tweede doet het er niet toe.
- Financiële instellingen mogen überhaupt niet investeren in bedrijven die betrokken zijn bij schendingen van het internationaal recht en de mensenrechten. Doen ze dat toch, dan versterken ze die bedrijven ook in hun activiteiten in bezet Palestijns gebied. Met alle onrecht van dien.
- De hoogte van de investeringen laat vooral zien in welke mate ABP, ING, PFZW en de zestien andere Nederlandse financials bereid zijn om de Israëlische misdaden tegen de Palestijnen te blijven steunen. En zich er aan verrijken! Vooral de investeringen van de elf pensioenfondsen die gebruik maken van de inleg van hun deelnemers, zijn verbijsterend.
Is er ook nog goed nieuws?
Mondjesmaat. De destijds in Nederland geregistreerde bedrijven Kardan en Tahal Group International komen niet langer voor in de databases van de door ons geraadpleegde bronnen. Dat betekent dat ze niet meer actief zijn in de nederzettingen. (2) Het Nederlandse bedrijf TKH Security bevestigde dat het zijn banden met de Israëlische distributeur van zijn beveiligingscamera’s heeft verbroken. En vermogensbeheerders als MN Services zijn in gesprek gegaan met bedrijven en hebben hun relaties met een aantal daarvan beëindigd.
Goed nieuws is ook dat de pensioenfondsen ABP, PFZW, PME en PMT hun aandelen in Caterpillar hebben afgesloten. PFZW is daarnaast ook uit diverse andere bedrijven gestapt die in 2024 nog op de lijst voorkwamen. Daarbij moet worden gedacht aan bedrijven als Heidelberg Cement, CAF, Hewlett Packard Enterprise en Airbnb. Ook de investeringen van PFZW (pensioenfonds 'zorg en welzijn'} in Booking.com zijn fors afgenomen, doordat dit fonds geen aandelen Booking.com meer heeft (maar nog wel obligaties).
Het gaat alleen veel te langzaam. ABP heeft bijvoorbeeld nog steeds obligaties in Caterpillar en lijkt geen aanstalten te maken verdere stappen te zetten. Ook andere partijen, waaronder ING, investeren nog steeds in het bedrijf achter de bulldozers waarmee Israël de Palestijnen van de kaart veegt.
Zwarte lijst
Het rapport Don't Buy into Occupation valt samen met de zwarte lijst die The Rights Forum publiceerde. Daarop staan 92 bedrijven en instellingen die op uiteenlopende wijze bijdragen aan wat de speciale VN Rapporteur Francesca Albanese de economie van genocide noemde. Het gaat hierbij uitsluitend om bedrijven die in de Nederlandse markt actief zijn.
Meer dan ooit is het nodig om de betrokken bedrijven en instellingen aan te spreken op hun gedrag. Door deelname aan onze coalitie en publicatie van de zwarte lijst gaat The Rights Forum daarin voorop.
(1) The Rights Forum, 25 november 2025 - Pensioenfondsen investeerden 48 miljard euro in Israëlische bezetting. Bewerking en samenvatting: Hans Boot.
(2) Voor het rapport is gebruik gemaakt van de VN- database van bedrijven, onderzoek van de Israëlische organisatie Who profits, en van het onderzoeksproject Investigate van The American Friends Service Committee (AFSC).