Israëlische autoriteiten maken geen einde aan uitbuiting Palestijnse arbeiders

Illegale handel in toelatingsbewijzen

Wac-Maan (*)

Kort geleden kwamen de regelingen voor Palestijnse bouwvakkers om in Israël te kunnen werken aan de orde in de Parlementaire [Knesset] commissie buitenlandse arbeiders. Op de achtergrond speelde een schandelijk probleem: de illegale handel in toelatingsbewijzen. De Israëlische autoriteiten kondigden in december 2020 een hervorming aan van het toelatingsbeleid voor bouwvakkers. Ze beloofden een maatregel in te voeren om die kwalijke handel te stoppen, maar tot nu toe is daar totaal geen sprake van.

De bijeenkomst van de parlementaire commissie van 26 oktober jongstleden was een vervolg op die van 13 september. Daarin erkenden vertegenwoordigers van het Israëlisch bestuursorgaan op de bezette Westelijke Jordaanoever dat een beoogde 'app' niet klaar was. Een 'app' die het de betrokken arbeiders mogelijk moest maken direct contact op te nemen met de Israëlische ondernemers. Een middel dat vooral gericht was op de beëindiging van die illegale handel.

Tekening
Autoriteiten slagen er niet in een einde te maken aan de uitbuiting van Palestijnse arbeiders
door de handelaren in werkvergunningen.

Toelatingspremie omhoog

De twee vertegenwoorigers van de commissie gaven technische redenen aan die de komst van de 'app' zouden blokkeren en weigerden een datum te noemen waarop de problemen verholpen zouden zijn. Eerder was gesproken van juli 2021. Ook meldden ze, geheel in strijd met wat ze in sepember beweerden, dat al tienduizend Palestijnen geregistreerd waren. Ongeloofwaardig, zo niet verdacht.

Vertegenwoordigers van arbeidersorganisaties en bewegingen voor mensenrechten spraken nadrukkelijk hun twijfels uit. Woordvoerders van Kav LaOvid (een Israëlische vereniging die de arbeidersrechten beschermt), de associatie voor Burgerrechten, onze vakbond Wac-Maan en de algemene vakorganisatie Histadrut meldden dat zij geen enkele Palestijnse arbeider kenden die op de hoogte was van de 'app'. Assaf Adiv (bestuurder Wac-Maan) maakte bekend dat de ondernemers op dit moment van de arbeiders een premie van 3.500 shekel (1.015 euro) eisten, terwijl voor de 'hervorming' dat 2.500 shekel (725 euro) was.

Meer vraag, meer dealers

Op dit moment werken 65.000 Palestijnse arbeiders met een officiële vergunning in de Israëlisch bouw. Een aantal dat buiten de 40- tot 50.000 valt dat in allerlei sectoren zonder papieren werkzaam is en elke morgen van de Westelijke Jordaanoever (West Bank) via gaten in de scheidingmuur naar Israël gaat. De verwachting is dat daar spoedig nog zo'n 9.000 bij zullen komen, naar schatting oplopend tot een totaal van 80.000. Een groeiende vraag naar arbeiders dat onvermijdelijk meer dealers in 'illegale werving' zal aantrekken.
Uitgebracht zijn goed gedocumenteerde verslagen, inclusief van de Bank van Israel, september 2019, en kort geleden het jaarlijkse rapport van de Internationale Arbeidsorganisatie, ILO. Dat liet juli 2021 in De situatie van de arbeiders in de bezette Arabische gebieden zien dat de handel in vergunningen een 'zwarte markt' tot gevolg heeft met een omzet van jaarlijks ongeveer 500 miljoen shekel (145 miljoen euro). Dit kolossale bedrag wordt verdeeld tussen Israëlische ondernemers en Palestijnse handelaren.

Toch kwam deze uitbuitende en illegale handel in de parlementaire commissie slechts zijdelings in discussie. Daarbij toonden de autoriteiten hun onvermogen en hun gebrek aan belangstelling. Een vertegenwoordiger van de Belastingdienst zei pas een dag eerder van het één en ander op de hoogte te zijn. Zijn collega van de Migratieautoriteit bracht naar voren dat een ondernemer die handelt in vergunningen uitgenodigd zou worden voor een hoorzitting. Bleek hij schuldig te zijn, zou hij drie jaar aan de kant gezet worden. Deze 'eis' werd zwaar gekritiseerd door de advocaat van Kav LaOvid. Zij vertelde de commisie via de Wet op de vrijheid van informatie te hebben achterhaald dat sinds 2018 slechts één ondernemer zijn vergunning had verloren vanwege de handel in toelatingspapieren. Bovendien maakte zij gewag van een winkel die zonder enige hinder van de autoriteiten deze papieren verkocht bij 'checkpot' Eyal Crossing.

Foto checkpoint
Controle Eyal Crossing.

Machteloze commissie

Assaf Adiv riep op tot beëindiging van de Palestijnse afhankelijkheid aan vergunningen van ondernemers. Hij stelde voor dat elke arbeider met een 'veiligheidsgarantie' over een vrije toelating beschikte, een baan te zoeken en zelfstandig contact kon leggen met ondernemers.

Aan het slot van de bijeenkomst drong de voorzitter van de parlementaire commissie 'buitenlandse arbeiders' aan op de vorming van een gezamenlijk comité door de betrokken ministeries dat optreedt tegen de handel in werkvergunningen. Maar helaas ontbreekt het deze commissie aan elke gevestigde autoriteit en is het zwaar te betwijfelen of haar oproep zal leiden tot concrete activiteiten over de toegang tot werk.
Volgens ons gaat het uiteindelijk om het volgende. Zo lang handelaars in werkvergunningen straffeloos kunnen optreden - zonder overheidsbeperkingen en zonder vrees voor onderzoek - is het uitgesloten dat het toelatingsregiem, waarvan Palestijnse arbeiders het slachtoffer zijn, beslissende veranderingen zal ondergaan.

(*) Eerder - 7 november 2021 - verschenen bij Wac-Maan, de vakorganisatie die de belangen behartigt van Palestijnse en Israëlische arbeiders. Vertaling: Hans Boot.

S symbool