welkom
extra
Solidariteit

Arbeidsmigranten - vandaag en zeventig jaar geleden

Triest verhaal

Maurice Ferares

Momenteel zijn er ongeveer 800.000 arbeidsmigranten in Nederland. Werkers die hun eigen land ontvlucht zijn, omdat ze niet in staat gesteld werden er een redelijk bestaan te leiden. Velen van hen waren werkloos en als ze een gezin hadden, kon dat niet of nauwelijks aan eten komen. Vlucht naar het buitenland zonder vrouwen kinderen was dan de enige oplossing. Het waren reizigers die niet voor hun plezier naar het buitenland gingen. Ook was werken bij een vreemde baas onder vreemde omstandigheden geen pretje, als er al werk werd gevonden.

Van de situatie waarin die werkers verkeren, werd en wordt door Nederlandse ondernemers dankbaar gebruik gemaakt. Ze verschilt in weinig van de positie van hun voorgangers zeventig jaar geleden in Nederland. Het aantal is vandaag aanzienlijk groter, maar de houding van de overheid, de vakbeweging en de politieke partijen tegenover de arbeidsmigranten is even problematisch. Met andere woorden, ook nu gaan de belangen van de ondernemers voor alles en bemoeien weinigen zich met de omstandigheden waaronder deze werkers uit het buitenland moeten leven en werken in Nederland.

Drees en Suurhoff

Foto Als verantwoordelijk bestuurder van de bond van musici en artiesten (Nederlandse Toonkunstenaarsbond, NTB) had ik zeventig jaar geleden dagelijks te maken met het probleem van buitenlandse collega's die hier kwamen werken. Het waren collega's uit Italië en enige Oost-Europese landen. De sector waar het om ging - de horeca en vooral de zogenaamde 1o-4 zaken (nachtzaken in alle grote steden) - was aanzienlijk kleiner dan waar tegenwoordig de problemen zich voordoen. Er was geen regering van rechtse partijen zoals die van Rutte, maar er waren drie regeringen in de jaren vijftig, geleid door de sociaaldemocraat W. Drees.

In twee van de drie regeringen was PvdA man Suurhoff, minister van Sociale Zaken. Hij besliste over de gang van zaken met buitenlandse werkers. In dit geval ging het om de komst van Italiaanse werknemers die in hun thuisland geen werk vonden. Suurhoff had weinig op met de Nederlandse artiesten, een permanent gevecht door onze bond was het gevolg. Met zijn ambtenaren deed hij alles wat de ondernemers verlangden. De regelingen inzake lonen en andere arbeidsvoorwaarden konden worden genegeerd. Werkvergunningen voor buitenlandse werkers werden zonder een enkel probleem verstrekt, ook als de bemiddelaar geen vergunning had en de arbeidsomstandigheden ingingen tegen de regelingen die voor hun Nederlandse collega's golden.

Arbeidsbemiddeling

In die tijd was arbeidsbemiddeling alleen toegestaan aan bemiddelaars die over een vergunning beschikten. De conventie 96 van de ILO (Internationale Arbeidsorganisatie, Genève) en de Nederlandse wet verboden arbeidsbemiddeling met winstoogmerk. Er was echter een aantal illegale bemiddelaars dat zonder vergunning, met medewerking van het ministerie van Suurhoff, bemiddeling kon verlenen. De bekendste onder hen was de Amsterdamse Lou van Rees. Hij ging naar Italië om werkloze musici en artiesten te engageren die bereid waren tegen een lagere gage te werken dan de Nederlandse werkers, zonder de wettelijke rusttijden tijdens het werk in acht te nemen, zonder een wekelijkse vrije dag, zonder wettelijke vakantie, en opeengepakt wonen in pensionkamertjes.

Foto Van Rees was de vertrouweling van de horecabazen en zeer bevriend met de ambtenaren op het ministerie. Van al deze zaken was de minister op de hoogte. Ook was dat alles bekend bij de vakcentrale NVV, waarbij de NTB aangesloten was sedert de oprichting in 1919. De voorzitter van het NVV, Roemers, die voor de PvdA in de Tweede Kamer zat, wilde de misstanden op het ministerie van Suurhoff niet in het parlement aan de orde stellen om de partijgenoten in de regering 'geen problemen' te bezorgen en het vertrouwen van de ondernemers te behouden. Lange vergaderingen en uitvoerige gesprekken van de bestuurders van de NTB met de leiding van het NVV brachten geen verandering in de gang van zaken. Dus konden de ondernemers en hun illegale bemiddelaars hun praktijken ongestoord voortzetten, tot groot verdriet van de Nederlandse musici en artiesten. De belangrijkste horecaondernemer was Nico Bouwes, eigenaar van onder andere één of meer nachtzaken in Amsterdam die het grote hotel Bouwes in Zandvoort liet bouwen. Lou van Rees was er een regelmatige bezoeker.

NTB stond alleen

Op het ministerie van Sociale Zaken bestond een Commissie bijzondere arbeidsbemiddeling van artiesten en musici. Daarin zaten twee vertegenwoordigers van de horecaondernemers, twee ambtenaren van het ministerie en vier mensen van de bonden - twee van de Nederlandse Toonkunstenaars Bond, één van de Katholieke en één van de Christelijke bond van Kunstenaars. Vanwege de samenwerking van de drie vakcentrales namen de laatste twee bonden deel aan de Commissie, terwijl de bijdrage aan de discussies door hun vertegenwoordigers uitsluitend bestond uit de steun aan de opvattingen van de ondernemers en de ambtenaren. Ze wisten niets van de kunstenaarsberoepen en waren niet op de hoogte van de gang van zaken in de bedrijven waar de kunstenaars werkten. Typerend voor de verhoudingen was dat van tijd tot tijd de Commissie niet in de kelder van het ministerie in de Haagse Javastraat vergaderde, maar in een horecagelegenheid van één van de ondernemers ..

De Commissie kende twee blokken. Aan de ene kant ondernemers, ambtenaren en de twee confessionele bonden, aan de andere kant de twee vertegenwoordigers van de NTB. Het gevolg was dat de ondernemers altijd hun zin kregen.

En nu een plan van actie

Waarom dit verhaal uit het verleden? De reden is dat na zeventig jaar niet veel veranderd is, zij het dat het vroeger om enkele duizenden buitenlandse werkers ging en nu om honderdduizenden. In het verleden waren er enkele arbeidsbemiddelingsbureaus. Enige met een vergunning, maar veel meer illegale. Op dit moment zijn er volgens de FNV 14.000 in Nederland.
Anders is de verklaring van de FNV, getekend door de vicevoorzitter, waarin staat: We werken aan een socialer Nederland voor alle werkenden in Nederland, ongeacht afkomst en nationaliteit.

Wat bij die verklaring ontbreekt, is een plan van actie om de doelstelling te realiseren. Het eerste doel zou moeten zijn: strijd voor een verbod van arbeidsbemiddeling met winstoogmerk. Voorlopig blijft echter de situatie voor de honderdduizenden arbeidsmigranten zoals die tot nu toe is geweest. Helaas.

S symbool