nr. 98
sep 2000

welkom
edities
inhoud

Solidariteit

Precaire arbeid - stand van zaken Euromarsen

Assemblee van Uitgeslotenen

De afgelopen drie jaar zien we een opleving van internationale acties tegen het beleid van grote instituties als de Europese Unie, de Wereldbank en het Internationaal Monetair Fonds. Verzet tegen sociale uitsluiting vormt daarin een belangrijk onderdeel. De verschillende netwerken en organisaties die actie voerden, staan echter voor de vraag hoe de organisatorische basis kan worden versterkt, zodat continuïteit gewaarborgd is. De Euromarsen proberen dit te doen via 'Assemblees van Uitgeslotenen' en coördinatie tussen de acties van verschillende groepen. In december mondt dat in Frankrijk uit in vele activiteiten tegen het conceptakkoord over de grondrechten van Europese burgers. Eén van de eisen is een gegarandeerd sociaal minimum voor alle burgers in alle landen van de EU.

Sinds de grote demonstratie van de Euromarsen van 1997 in Amsterdam hebben in vele landen acties plaatsgevonden tijdens de 'toppen' van regeringsleiders of vergaderingen van internationale bolwerken als de Wereldhandelsorganisatie, het IMF en de Wereldbank. In de wandeling worden deze acties wel met 'tophoppen' aangeduid. In Europa waren er onder andere massademonstraties in Brussel, Luxemburg, Parijs, Berlijn, Keulen en onlangs nog in Porto in Portugal op 19 juni, waaraan volgens de opgave van het Europees Verbond van Vakverenigingen (EVV) 50.000 mensen deelnamen. De acties beperkten zich niet tot Europa. Hoogtepunten zagen we in Seattle en Washington in de Verenigde Staten, november 1999 en april 2000. In het Japanse Osaka vormde de plaatselijke bevolking een keten rond een militaire basis van de VS om te protesteren tegen de wapenwedloop en de misdragingen van Amerikaanse soldaten. Het actiemiddel 'marsen' - publieksgerichte, lange wandeltochten langs verschillende steden die meerdere dagen duren - werd in veel landen toegepast. Landloze boeren in Brazilië, daklozen in Japan en Amerikaanse armen die protesteerden tegen de afschaffing van de bijstand, vroegen zo aandacht voor de toenemende verarming van grote bevolkingsgroepen. Hun protest was gericht tegen de negatieve gevolgen van de globalisering die totstandkomt onder de voorwaarden van bovengenoemde internationale organisaties, zonder dat enige democratische controle mogelijk is.

Hoe verder?

En er zijn nieuwe acties voorbereid. In Praag, 26 september, is de jaarlijkse bijeenkomst van het IMF en de Wereldbank geconfronteerd met demonstraties, een 'tegentop' en andere activiteiten. Drie weken later, 15 oktober, is de laatste dag van de internationale Vrouwenmars met grote demonstraties in New York en Brussel. In december wordt Frankrijk voorzitter van de EU en ook dat zal beslist niet ongemerkt voorbijgaan.

Met deze opgang van de internationaal georiënteerde acties groeit echter bij actievoerders de twijfel over de gevolgde weg. Zij stellen de vraag: hoe moeten we in de toekomst verder? Heeft al dat 'tophoppen' eigenlijk wel zin? Worden voldoende resultaten behaald? Hoe kunnen we dit volhouden? Hoe vinden we een stabiele organisatorische basis voor de activiteiten, zodat het niet een tijdelijke opleving van het politieke protest blijkt te zijn?

Op de internationale bijeenkomsten van de Euromarsen werd uitvoerig over deze vragen gediscussieerd, bijvoorbeeld tijdens een evaluatie van de acties in Keulen. De poging van de Euromarsen het succes van Amsterdam te herhalen, mislukte gedeeltelijk. De marsen vanuit Brussel naar Keulen waren niet goed georganiseerd en ook die in Duitsland kwamen niet uit de verf. Dit riep weerstanden en meningsverschillen op bij plaatselijke organisaties. De conclusie was dat de Euromarsen op lokaal niveau in de verschillende landen over onvoldoende steunpunten beschikken om zo'n groot project met een tamelijk korte tussentijd telkens weer opnieuw aan te kunnen, met uitzondering misschien van Frankrijk. "We moeten onszelf niet kapot organiseren." Ook waren velen teleurgesteld over het 'werklozenparlement' dat in Keulen was opgezet. Dat verzandde in lange monologen en een chaotische sfeer.

De verschillende evaluaties leidden tot een aantal conclusies die we in het navolgende langs zullen lopen.

Europese coördinatie

Vastgesteld werd dat een werklozenparlement een goed middel is om aan de Euromarsen een meer stabiele structuur te geven. Mits ... goed georganiseerd.

Vertegenwoordigers van de Euromarsen, ook uit Nederland, zijn in het Oost-Duitse Thürigen geweest, waar zo'n parlement is opgericht. Vele organisaties nemen daaraan deel, zoals vakbonden, kerkelijke groeperingen en werklozenorganisaties. Iedere honderd dagen is er een zitting, waar 150 tot 200 mensen samenkomen. Uit de ervaringen daar kwam het idee dat, naast de demonstraties op straat en andere mobilisaties, ook een theoretische basis moest worden ontwikkeld. Daarvoor zijn drie 'parlementsgroepen' opgericht die de plenaire vergaderingen inhoudelijk voorbereiden. Het werklozenparlement is zo geworden tot een permanente, stabiele structuur die voortdurend reageert op beleidsvoorstellen van de overheid en problemen signaleert en aan de orde stelt. Er zijn lokale groepen die vertegenwoordigers naar het parlement sturen en de deelnemers wisselen voortdurend. Het plan is dergelijke parlementen ook elders in Duitsland te realiseren en tot het Europees niveau uit te breiden. Onderkend werd dat om dit laatste te doen slagen, zo'n structuur in de verschillende landen dient te functioneren.

Op deze manier wordt het mogelijk ook buiten de Europese toppen om campagnes te voeren. Als bijvoorbeeld een Europees sociaal minimum een gemeenschappelijke eis is, zal deze lokaal, nationaal en Europees naar voren gebracht moeten worden. Gecoördineerd vanuit een gemeenschappelijke structuur die uitgaat boven de vele organisaties, groepen en netwerken en die de onderlinge verschillen overwint. De huidige actieconferenties kunnen niet meer simpelweg gedupliceerd worden.

In de discussies werd kritiek geuit op de term 'werklozenparlement'. Geen 'parlement', omdat duidelijk moet zijn dat het een oppositie is tegen het huidige kapitalisme. Geen 'werklozenparlement', omdat niet alleen werklozen maar ook vertegenwoordigers van andere uitgesloten groepen moeten kunnen deelnemen, bijvoorbeeld mensen die aangewezen zijn op onzekere, flexibele arbeid. Vandaar de voorkeur voor de term 'Assemblee van Uitgeslotenen'.

Met deze 'brede' opvatting komen we op een andere kwestie: de verhouding tussen de Euromarsen en andere sociale bewegingen en de plaats van verschillende groepen uitgeslotenen in een internationale organisatievorm.

Internationalisering

Bij een internationale organisatievorm gaat het uiteraard om internationalisering van de activiteiten. Dat is dan ook wat de Euromarsen beogen: een wereldmars van de uitgeslotenen en wereldwijd verzet tegen verarming en uitbuiting. Ook daarom is de ontwikkeling van vele nieuwe initiatieven toe te juichen. Bijvoorbeeld Attac met acties tegen de schulden van de derde wereld, de internationale Vrouwenmars en groepen als Reclaim the streets.

Maar vorig jaar in Keulen bleek al dat deze verscheidenheid tot een problematische actieagenda leidde. Toen werden er immers in veertien dagen tijd twee demonstraties en twee 'tegentoppen' georganiseerd door verschillende groepen. Van een gerichte samenwerking was onvoldoende sprake.

Ook dit jaar in Nice dreigt dit langs elkaar heen werken. Attac, Civil Forum en andere groepen komen met specifieke eisen naar Nice om te vechten tegen de globalisering. Dat er minstens een overleg moet komen tussen de verschillende groepen, zal duidelijk zijn. Een apart probleem vormt daarbij de vakbeweging die aangekondigd heeft te mobiliseren. Het succes van Seattle was gelegen in het feit dat veel jongeren gemobiliseerd werden, maar ook dat de Amerikaanse vakbonden erbij betrokken waren en die link bleek goed te werken. Het vakbondswerk voor groepen aan de randen van de samenleving is echter in veel landen nauwelijks ontwikkeld. De krachten die achter deze groepen staan, zijn vaak de radicale vakbondsvleugels. Behalve misschien in Frankrijk, waar de vakbondssteun breder is. Praktisch gesproken is uitbreiding van de contacten nodig, evenals samenwerking met andere netwerken en organisaties. Om zowel inhoudelijk als organisatorisch de rode draad te vinden tussen de eisen die door de verschillende bewegingen gesteld worden. En die is er. Zo is de discussie over het sociale minimum bijvoorbeeld verbonden met de belastinghervormingen die door Attac worden voorgestaan. Dat verband moet besproken en benut worden. En hoe moeilijk dit ook is, er zal een nieuwe interactie in gang gezet moeten worden tussen het lokale, nationale, Europese en mondiale niveau. Dit betekent niet dat specifieke eisen moeten verdwijnen, maar wel dat deze ingepast worden in het kritische debat over globalisering.

Het is onzin vanuit de Euromarsen de pretentie te hebben de mondiale werklozenbeweging te coördineren. Maar daarmee blijft wel de vraag staan, hoe samen te werken en hoe de Euromarsen zich verhouden tot andere bewegingen die een sociale strijd voeren.

Precarisering

De Franse collega's benadrukken dat het succes van de werklozenbeweging aldaar te danken is aan het feit dat zij tot uitdrukking brengen dat de wereld van de arbeid in zijn geheel 'geprecariseerd' raakt. Daarmee bedoelen ze dat de werklozen niet de enigen zijn die in onzekerheid leven. Er tekent zich een tendens af van uitbreiding van de bestaansonzekerheid in de maatschappij. Een slinkende groep arbeiders behoort tot de vaste kern en een groeiende groep wordt volledig uitgesloten. Gegeven deze ontwikkeling is het van belang na te gaan wat er gebeurt met de mensen die daartussen zitten. Ook zij worden geconfronteerd met de toenemende onzekerheid in leven en werken. De herverdeling van de rijkdom die door verschillende bewegingen aan de orde gesteld wordt, is onder andere een erkenning van het feit dat steeds meer mensen buiten een juridisch gedefinieerde loonverhouding werken en dat de vakbondsinvloed onder deze groepen tanende is. Vaak is directe strijd in de bedrijven waar ze werken moeilijk. Zij kunnen gemakkelijk worden ontslagen, terwijl in veel landen geen gegarandeerd sociaal minimum bestaat. Ontslag betekent dan bestaansellende. Bekend is bijvoorbeeld dat migranten er soms van worden weerhouden actie te voeren of voor hun rechten op te komen, omdat een deel van hun collega's niet beschikt over een verblijfsvergunning. Hoe de uitslag van een actie ook is, zij vliegen onherroepelijk het land uit.

Dit leidt tot de conclusie dat de Euromarsen de strijd moeten voortzetten in een andere arena; daar waar de sociale positie van mensen precair is. Daaraan verbonden is het nevendoel vakbonden te overtuigen van het belang deze groepen (beter) te organiseren. Tegen deze achtergrond maken de Euromarsen zich sterk voor een sociaal minimum in alle landen van Europa.

Europees sociaal minimum

Op de Europese toppen in Helsinki en Keulen is besloten in februari 2000 te beginnen met een Intergouvernementele Conferentie (IGC) om een soort grondwet voor Europa op te stellen. Daarin moeten de verhouding tussen de verschillende Europese bestuursorganen en de grondrechten van de Europese burgers nader gedefinieerd worden. Het Europees Parlement heeft overigens in deze IGC geen enkele zeggenschap. Het kan alleen maar lobbyen. Sociale grondrechten (recht op een sociaal minimum, op gezondheidszorg en huisvesting) dreigen buiten deze 'grondwet' te vallen. In Nice is hierover een plechtige, maar nietszeggende, intentieverklaring te verwachten.

Op 28 juli jongstleden hebben 63 leden van nationale parlementen en vertegenwoordigers van regeringen, die de onderhandelingen over de grondrechten voeren, een conceptakkoord gepubliceerd. De meerderheid van deze club vindt dat sociale rechten geen 'juridische' rechten zijn, maar 'politieke doelen' en dat ze dus in een grondrechtenverdrag niet thuishoren. Er wordt alleen gezegd dat er een erkenning moet zijn van 'toegang tot sociale ondersteuning' en 'ondersteuning bij huisvesting'.

Voor de Euromarsen is dit akkoord onaanvaardbaar. Een geïndividualiseerd sociaal minimum in alle Europese landen is de centrale eis. Na een uitgebreide discussie is dat minimum gesteld op 50 procent van het Bruto Nationaal Product per hoofd van de bevolking. Geen enkele burger mag daar onder komen.

Aangezien het nieuwe verdrag dwingend wordt opgelegd aan de nationale overheden en dus voorbijgaat aan de sociale rechten die in de verschillende landen zijn vastgelegd, dreigt een vernietiging van verworvenheden die na meer dan honderd jaar strijd zijn gerealiseerd. Kok en Korthals Altes moet dat onder de neus gewreven worden.

De acties in Frankrijk zullen gericht zijn tegen de tekst van het conceptverdrag. Op 2, 3 en 4 december komt de 'Assemblee van Uitgeslotenen' voor het eerst bijeen, in Parijs. Van 4 tot 6 december trekken in Frankrijk karavanen vanuit verschillende steden naar Nice, georganiseerd door vele landelijke en plaatselijke groepen, zoals Attac, de Euromarsen en bijvoorbeeld de werklozen van Marseille die traditioneel begin december een demonstratie houden voor een eindejaarsuitkering. Aangezien vele lokale groepen aan de organisatie deelnemen, is een revanche te verwachten van de gedeeltelijke mislukking van Keulen. Waarschijnlijk is er op 6 december een grote demonstratie in Nice, waartoe ook is opgeroepen door het EVV en de Duitse vakcentrale DGB.

Het Nederlandse comité Euromarsen organiseert een busreis naar Parijs voor deelname aan de Assemblee op 2, 3 en 4 december. Wie mee wil, kan zich opgeven op het adres: Da Costakade 148, 1053 XC Amsterdam. Telefoon: 020-6181815. E-mail: bijstbnd@xs4all.nl

Piet van der Lende
(Comité Euromarsen)

Goed nieuws. De FNV heeft besloten met 220 mensen naar Nice te gaan en daar deel te nemen aan de demonstratie. Per vliegtuig, in één dag heen en terug. Met de trein zou te lang duren en te vermoeiend zijn. Toch heeft de trein mijn voorkeur, kunnen er voor hetzelfde geld meer mensen heen en kan de reis via de Assemblee van Uitgeslotenen in Parijs lopen. Het lijkt me van belang dat geïnteresseerden zich tot hun bond wenden. Overigens doet FNV Bondgenoten niet mee. Naar verluidt, is de financiële situatie nog steeds chaotisch en zou een deelname aan de vliegreis financieel niet verantwoord zijn. Waarvan acte.