nr. 91
juli 1999

welkom
edities
inhoud

Solidariteit

Recht en Arbeid - een bijzonder ontslagbesluit (2)

Akkoorden zijn verbindend

In de herfst van 1997 ging de Amsterdamse havenpool failliet. De gevolgen van het faillissement zijn in een akkoord geregeld. Kunnen individuele werknemers rechten ontlenen aan dit akkoord? En wie kunnen zij aanspreken?

Afspraak is afspraak. Zonder dit rechtsbeginsel kan in een burgerlijke maatschappij de economie niet functioneren. Oplichten mag niet. Onderbetalen mag, minder betalen dan afgesproken mag niet. Maar ook de burgerlijke staat zou niet kunnen bestaan, wanneer in de regel mensen zich niet zouden houden aan de afspraken. Een enkele oorlog, dat is voorstelbaar, maar altijd en overal oorlog, dat kan niet. Regels zijn regels en regels moeten nageleefd worden.

Hoofdlijnenakkoord

Afspraken zijn er in vele soorten en maten. Wetten, verdragen, overeenkomsten, collectieve en individuele arbeidsovereenkomsten enzovoort. Of je er nu zelf bij was of niet, dat doet er niet toe; je bent er bij als de afspraak op jou van toepassing is. Of je het er nu mee eens bent of niet.

Bij reorganisaties worden de gevolgen vaak in een sociaal plan vastgelegd. In de Amsterdamse haven zijn de gevolgen van het failliet van de havenpool geregeld in een hoofdlijnenakkoord, gesloten op 18 november 1997. De volledige titel luidt: "Hoofdlijnen voor het ontwerp van een bedrijfseconomische en sociaal acceptabele personeelsvoorziening voor de Amsterdamse haven". Dit akkoord is gesloten tussen de vervoersbonden FNV en CNV en de Amsterdamse havenbedrijven. Betrokken bij de besprekingen waren evenwel ook de gemeente Amsterdam, het Gemeentelijk Havenbedrijf, RBA en LISV. Veel havenwerkers waren niet gelukkig met dit akkoord. Maar ook voor hen geldt: dit was de uitkomst, dit was kennelijk het resultaat van de bestaande krachtsverhoudingen.

Zo'n resultaat van de krachtsverhoudingen (zowel binnen de bond als tussen bonden en havenwerkgevers) is een rechtens bindend akkoord. Goed of slecht, eenmaal gesloten is de afspraak juridisch bindend en vloeien er niet alleen voor de contractpartijen, maar ook voor de werknemers verplichtingen en rechten uit voort. Zij zijn het 'object' van de regeling. Eenmaal gesloten worden zij het 'rechtssubject', dat wil zeggen dat door de werknemers in rechte nakoming van de gemaakte afspraken gevorderd kan worden.

Verplichtingen

Alle werknemers van de failliete arbeidspool konden ingevolge dit akkoord over naar een nieuwe werkgever, de Stichting Personeelsvoorziening Amsterdam Noordzeekanaalgebied (SPAN). Deze Stichting is op 17 december 1997 van start gegaan. Het bestuur werd gevormd door vertegenwoordigers van de bonden en Arbeidsvoorziening. Na een half jaar zou een onafhankelijk instituut een objectieve beoordeling geven "op grond waarvan de werknemers aan een opleidingsvoorziening, of een operationele regionale pool, kunnen deelnemen, of op basis van een sociaal plan uitstromen."

Na de oriëntatiefase van een half jaar is op 16 juni 1998 de splitsing tussen SPAN-Operationeel en SPAN-Scholing tot stand gekomen. In totaal 144 werknemers kregen een arbeidscontract met SPAN-Scholing aangeboden, 110 anderen konden bij SPAN-Operationeel aan de slag.

Het bestuur van de operationele Stichting (Stichting B) wordt gevormd door bestuurders van FNV en CNV. Over de indertijd gekozen selectiecriteria (wie moet zich scholen en wie komt meteen in de nieuwe afgeslankte havenpool) is in het vorig nummer van Solidariteit (mei 1999) reeds geschreven. Voor een aantal werknemers die bij SPAN-Scholing terechtkwamen, volgde na een jaar ontslag. De scholingspool hield er 16 juni 1999 mee op. Echter, het einde van de stichting is geen einde verhaal. Uit het hoofdlijnenakkoord vloeien verplichtingen voort voor SPAN-Operationeel.

Restgroep

Wat zegt het akkoord over de Scholingspool? "De voorziening kwalificeert de werknemers voor arbeidsovereenkomsten binnen of buiten de haven, of kwalificeert de werknemers voor deelname aan de operationele pool." Even verderop: "De scholingspool bestaat in principe een jaar, waarna alle werknemers of uitgestroomd zijn naar een functie binnen of buiten de haven of doorstromen naar de Stichting B."

Volgens het hoofdlijnenakkoord eindigt SPAN-Scholing (Stichting A) haar werk een jaar na de totstandkoming. Er werd van uitgegaan dat dan het gros van de werknemers zou zijn uitgestroomd naar functies binnen of buiten de haven en het resterende deel zou doorstromen naar SPAN-Operationeel. De 'restgroep' is echter niet doorgestroomd. Achteraf blijken dus de selectiecriteria voor Span-Scholing en Span-Operationeel van een jaar eerder de selectiecriteria voor ontslag te zijn geworden. En dat nu is in strijd met de letterlijke tekst van het hoofdlijnenakkoord.

Juridische procedure

Inmiddels hebben zestien havenarbeiders SPAN-Operationeel aangesproken. Voor hen is een ontslagvergunning afgegeven. Over de vraag of de directeur Arbeidsvoorziening de ontslagvergunning had mogen afgeven, zal de nationale Ombudsman zich nog moeten uitlaten. Of SPAN-Scholing gebruik mag maken van de ontslagvergunning valt, gezien de wijze waarop de selectie heeft plaatsgevonden, ook te betwijfelen.

Los hiervan stellen de zestien echter dat uit het akkoord van 18 november 1997 volgt dat SPAN-Operationeel hen in dienst moet nemen. De betrokken contractpartijen bij het hoofdlijnenakkoord, de individuele werknemers die onder het akkoord vallen, de stichtingen die als gevolg van dit akkoord zijn opgericht, zij alle zijn gebonden aan dit akkoord.

Als SPAN-Operationeel haar deuren gesloten houdt voor werknemers van SPAN-Scholing, is een juridische procedure onafwendbaar. En in die procedure staan dan de werknemers tegenover een door de FNV en het CNV benoemd bestuur. De werknemers zullen zich in die procedure beroepen op het burgerlijke rechtsbeginsel 'afspraak is afspraak'.

Pim Fischer

Wordt vervolgd!