nr. 89
maart 1999

welkom
edities
inhoud

Solidariteit

Europees Netwerk Vrouwen naar een Ander Europa

Vrouwen zijn niet iets additioneels

Eurokritische vrouwengroepen hebben sinds de Euromarsen en de Top van Onderop in Amsterdam in 1997 contact met elkaar gehouden. Begin februari kwamen ze opnieuw bijeen in Amsterdam; 35 vrouwen uit 8 landen in Europa spraken met elkaar over de Euromarsen en de Alternatieve Top in Keulen, over samenwerkingsverbanden en de prioriteiten voor een echt sociaal Europa.

Ondanks de zeer uiteenlopende achtergronden van de deelneemsters staat al snel een aantal thema's centraal. Privatisering, en bezuinigingen op de sociale zekerheid en de collectieve sector. De overheersing van de markt stuit veel vrouwen tegen de borst. Inger: "Soms zet ik gewoon de tv af, alles is markt en marktwerking, ik word er doodziek van. Mensen beschrijven zichzelf nu al als een product voor de markt."

Voor vrijwel alle aanwezige groepen geldt dat zij binnen hun eigen (linkse) beweging en organisaties op grote weerstand stuiten van mannen. Nadia: "Soms word ik er wel eens moedeloos van, we zijn al met zo weinig kritische mensen." Overal gaat de discussie over wezenlijke alternatieven voor het huidige Europese beleid te langzaam naar de zin van vrouwengroepen. De noodzaak om te overleggen met gelijkgestemde zielen brengt de 35 vrouwen naar Amsterdam, ook al moeten zij hun reis zelf betalen.

Turkse hongerstaaksters

Allen vinden dat de positie van migranten- en vluchtelingenvrouwen één van de belangrijkste toetsstenen voor een sociaal Europa is. De deelneemsters twijfelen geen seconde. Een gedeelte van het programma van de bijeenkomst van het Netwerk Vrouwen naar een Ander Europa wordt geschrapt en we brengen een solidariteitsbezoek aan de vijftien Turkse hongerstaaksters op de Mauritskade in Amsterdam. Met bloemen. Georgine van de organisatie ARZAC in Brussel kan met moeite haar tranen bedwingen, als ze de Turkse hongerstaaksters toespreekt. Van het Frans, via het Nederlands in het Turks. "Ik heb zelf 21 dagen in hongerstaking gezeten in een kerk in België. Oorspronkelijk kom ik uit Congo en we hadden geen andere keus. Ik weet wat jullie doormaken. Houdt vol en houdt moed. Soms is dit noodzakelijk. Ik ben er trots op om jullie vandaag te bezoeken."

Het Netwerk

In 1996 begon een klein samenwerkingsverband tussen Deense en Spaanse vrouwen dat inmiddels is uitgegroeid tot een los Netwerk Vrouwen naar een Ander Europa. De identiteit van het netwerk is nog onderwerp van debat. Er zijn ongeveer 25 groepen bij betrokken met een linkse, feministische en activistische signatuur. Ook Oost-Europese vrouwengroepen maken deel uit van het netwerk. Belangrijk, juist omdat Europa meer is dan alleen de Europese Unie. Het gezamenlijke idee is dat er een alternatief komt voor de economistische en ondemocratische politiek van de Europese Unie. Het netwerk is voor economische onafhankelijkheid van vrouwen en tegen de EMU; voor de ontwikkeling van de sociale verzorgingsstaat en tegen bezuinigingen op sociale zekerheid en collectieve voorzieningen; voor het zelfbeschikkingsrecht van vrouwen op lichaam en seksualiteit; voor sociale en democratische rechten van migranten- en vluchtelingenvrouwen en tegen Schengen; voor solidariteit tussen vrouwen in Europa en de rest van de wereld.

Samenwerking met vakbonden

"Op 8 maart gaan we in Kopenhagen een unicum beleven. Dan werken voor het eerst de vakbonden samen met vrouwenorganisaties in het gezamenlijke programma: Vrouwen in het nieuwe Millennium. Wij willen dat vrouwen zichtbaar worden en het '8 maart Platform' is breed van opzet. Ieder kan een eigen thema naar voren brengen dat zij het belangrijkste vindt. Wij hebben als Eurokritische groep politiek gekozen voor solidariteit en samenwerking met migranten- en vluchtelingenvrouwen." Tove uit Denemarken is optimistisch over de nieuwe mogelijkheden die zich aandienen. Inger van de groep RAV uit Kopenhagen is er ook zeker van dat de vakbonden aansluiting zoeken bij het Eurokritische Deense platform, veel meer dan in 1997.

Maria Grazia van het Italiaanse Observatorium voor Vrouwenwerk is negatiever over vakbonden. "Juist nu er een kapitalistische reorganisatie plaatsvindt waarbij steeds meer macht in de handen komt van economische grootmachten en hun politieke lobbies, zijn nog veel vakbondsvertegenwoordigers bereid overeenkomsten te tekenen die direct ingaan tegen de belangen van vrouwen. Daarom zijn wij begonnen met speciale 'vrouwenvakbondsvertegenwoordigsters' aan te stellen in een aantal vakbonden, op verzoek van vrouwelijke leden. De eerste successen zijn al binnen. Wij konden bijvoorbeeld heronderhandelen dat arbeidsters niet zouden worden overgeheveld van een warenhuis naar de supermarktketen van La Rinascente. Die overheveling van de werkneemsters (met slechtere arbeidsvoorwaarden) was al goedgekeurd door de vakbond. Bij een telemarketingbedrijf hebben we er voor gezorgd dat vrouwen met een freelance contract een vast contract kregen. De mannelijke vakbondsvertegenwoordiging van nu is totaal inadequaat. Het concept van sociale rechtvaardigheid binnen de vakbonden betekent het recht van mannen op een gepriviligeerde positie, het behoud van hun eigen werk en salarisniveau. De noden en wensen van vrouwen zijn onzichtbaar. In heel Europa worden de sociale levens van mensen verengd tot enkel een economische dimensie. Daarbij worden de geest en het lichaam van vrouwen ontkend."

"Ik ben nu ruim vijftig en sta er versteld van hoe moeilijk het blijft om vrouwenissues te introduceren in vakbonden en politieke platforms. Kijk naar ons, we hebben nauwelijks geld en we moeten vechten voor toegang tot informatie." Maria José van de Mujeres Divergentes uit Spanje vertolkt een breed gedragen gevoel onder de aanwezigen. Binnen de Eurokritische bewegingen zijn weinig vrouwenorganisaties vertegenwoordigd. En het ontbreken van een vrouwen/feministisch perspectief lijkt niet als een gemis te worden ervaren binnen de diverse nationale platforms of bij de Euromarsen. Carmen uit Italië valt Maria José bij: "Terwijl mannen nadenken over een sociaal Europa is de vrouwenbeweging nauwelijks aanwezig." Antonia herinnert zich nog uitstekend de commotie tijdens de vaststelling van de eisen voor de Euromarsen tegen werkloosheid, armoede en sociale uitsluiting in Keulen in januari 1999: "Eerst werden de algemene eisen voorgelezen en daarna, toen de helft van de mensen al vertrokken was, kwamen de verklaringen van de vrouwen en de jongeren aan bod. Ter plekke hebben we toen een schandaal veroorzaakt. Maar de vrouweneisen zijn nog steeds nauwelijks geïntegreerd in het totaal." De Vrouwenliga van de Italiaanse Rifondazione (Herstichte Communistische Partij), de groep die Antonia vertegenwoordigt, is heel duidelijk. In een verklaring staat: "In het politieke platform van Links zijn vrouwen altijd iets additioneels. En het wordt aan de vrouwen overgelaten om de problemen van de sociale status van vrouwen aan te wijzen."

Nieuwe fase

In de discussie blijkt dat de situatie per land anders is; ook de verwachtingen van vrouwen over toekomstige samenwerking met vakbonden verschillen. Het Netwerk van Vrouwen naar een Ander Europa besluit om in ieder geval een brief te sturen naar het coördinatiekantoor van de Euromarsen in Parijs. Met het verzoek of de demonstratie in Keulen op 29 mei kan openen met een blok vrouwen.

Jammer genoeg zijn de Griekse vrouwen vanwege geldgebrek niet aanwezig. Zij hebben in de zomer van 1998 een Europese conferentie georganiseerd met vrouwenorganisaties en vakbonden en de samenwerking beviel goed. In een brief aan de bijeenkomst in Amsterdam schrijven ze: "De Euromarsen zijn een ontmoetingsplek voor vakbonden en feminisme en een gelegenheid voor gezamenlijke initiatieven. We moeten een echt Europees debat organiseren. Voor Keulen pleiten wij voor een autonome aanwezigheid van vrouwen."

Het debat is een noodzaak, zowel binnen de vrouwenbeweging als tussen de vrouwenbeweging en de vakbonden. Er is nog te weinig concreets. Tot nu toe ontbreekt een duidelijk politiek programma vanuit de Europese vrouwenbeweging, waarop vrouwen ook te mobiliseren zijn. In veel landen zijn wel ontluikende initiatieven.

"In het Vrouwenhuis in Brussel hebben we geen concrete plannen voor Keulen, maar we zijn begonnen met een discussiegroep over economische vraagstukken." "In Milaan zijn we opnieuw begonnen met een feministische analyse van betaald en onbetaald werk. We zijn gestart met het opzetten van een nationale coördinatiestructuur. De autonome vrouwengroepen zijn gefragmenteerd en dit is de voornaamste reden voor de politieke ineffectiviteit en de onzichtbaarheid van de vrouwenbeweging in Italie", zegt Nadia van ORA (Vrouwen voor een Georganiseerde Politieke Beweging). In Londen wordt in juni een conferentie georganiseerd met als titel Women in Political Action.

Het lijkt of de vrouwenbeweging in Europa in een nieuwe fase komt. De Europese constellatie is veranderd en politieke machtsvorming op nationale en Europese schaal wordt weer een belangrijk thema. Tove: "In Denemarken denken we na over een nieuwe invulling van het begrip 'gelijke kansen'. Niet de juridische rechten of het wegwerken van achterstanden ten aanzien van mannen, maar iets fundamenteel anders: gelijke toegang tot hulpbronnen vanuit een humanistisch en wereldwijd perspectief."

Het Deense NEJ

"Wij waren vorig jaar in Denemarken ontzettend teleurgesteld over de uitkomst van het referendum over het Verdrag van Amsterdam. Tegen stemde 46 procent, maar dat was niet genoeg. Tijdens onze campagne hebben we veel gehad aan de samenwerking met de andere groepen uit het Netwerk Vrouwen naar een Ander Europa. Vrouwen uit Europese landen, ook prominenten zoals parlementsleden, hebben symbolisch NEJ gestemd op een Deens referendumformulier. Daarmee hebben we redelijk wat publiciteit gehaald. Want uit die stemmen bleek dat wij in Denemarken niet de enigen zijn met een kritische houding over Europa!" Inger laat nog steeds trots een krantenbijlage zien van 8 maart 1998. De bijlage bij de belangrijkste krant in Denemarken is gewijd aan vrouwen en Europa en staat vol met artikelen die geschreven zijn door vrouwengroepen uit andere EU-landen.

Een Spaans initiatief is het afgelopen jaar niet uitgevoerd: de oproep aan vrouwen om bij stemmingen de zetels in het Europarlement leeg te houden. Een symbool van de afwezigheid van vrouwenbelangen bij de besluiten in het Europarlement. Christina uit Spanje die bij het Europarlement in Brussel werkt: "Gelukkig hebben we dat niet doorgezet. Normaal gesproken zijn er al zo veel Europarlementariërs afwezig dat die paar lege stoelen niet eens zouden opvallen!"

De acties die voor de komende tijd in ieder geval op de rol staan, zijn de Euromarsen en de mogelijkheid om die in elkaar te schuiven met de Vrouwenmars 2000.

Vrouwenmars 2000

De Vrouwenfederatie van Quebec in Canada heeft het initiatief genomen om in het jaar 2000 een wereldwijde vrouwenmars te houden tegen armoede en (seksueel) geweld. Op 18 april wordt in Parijs vergaderd over de Europese coördinatie. Veel vrouwen van het Netwerk gaan naar Parijs, ook om te zien of een brede mobilisatie in Europa mogelijk is en om een band te bouwen tussen de Euromarsen en de Vrouwenmars 2000. In elk geval is het een goede gelegenheid om de discussies, die in Amsterdam nog lang niet waren afgerond, voort te zetten. En daarna in juni in Keulen.

Gisela Dütting
(Werkgroep Naar een Feministisch Europa)