nr. 89
maart 1999

welkom
edities
inhoud

Solidariteit

Een 'buitenstaander' over de vakbeweging

Solidair met 'witte illegalen', maar weinig bevlogen

Op 30 november 1998 gingen in de Haagse Agneskerk 132 'witte illegalen' in hongerstaking. In februari 1999 volgden 15 vrouwen en 34 mannen in Amsterdam. Allemaal slachtoffer van de Koppelingswet. Ze hebben zich ooit mogen inschrijven in het bevolkingsregister, kregen een sofi-nummer, werkten wit en betaalden premies en belastingen. Velen werden lid van een vakbond. Zij huurden of kochten een huis, maakten vrienden, gingen relaties aan en kregen kinderen. Alles leek normaal.

Illegaliteit betekende echter ook een leven van uitbuiting, onderbetaling, vernederingen slikken, opgejaagd en gedeporteerd worden. Lichamelijke en psychische klachten door het zware en ongezonde werk, alsmede de spanningen van het illegale leven, zijn dan ook eerder regel dan uitzondering.

Uitrooktactiek

Velen deden een verzoek voor legalisatie via de 'witwasregeling', die speciaal voor langdurige illegalen in het leven was geroepen. In meer dan 90 procent van de gevallen werden ze afgewezen, omdat de criteria geen rekening hielden met seizoenswerk en het leven in de illegaliteit. Twee jaar actie voeren met lobbyen, picketlines, petities en Tweede Kamer-debatten hielpen de 'witte illegalen' geen steek verder.

Met de invoering van de Koppelingswet, afgelopen zomer, werden hun bestaansmogelijkheden in één keer afgebroken. Collectieve voorzieningen en opgebouwde verzekeringen zijn voor hen niet langer toegankelijk. Door deze uitrooktactiek voelen de 'witte illegalen' zich gedwongen in hongerstaking te gaan. Met hun schreeuw om aandacht hebben ze de publieke opinie op hun hand gekregen. En de politiek? Die houdt zich ziende blind en horende doof.

Een speldje

Hoe betrokken tonen de vakbonden zich bij deze onteigening van opgebouwde rechten van arbeid(st)ers? Het officiële FNV-standpunt is dat illegalen na vijf jaar wonen en werken gelegaliseerd moeten worden. Maar dat is nooit erg actief uitgedragen. Tijdens eerdere acties van 'witte illegalen' stuurde de FNV hooguit een brief naar de staatssecretaris met dit standpunt. Wel kende de FNV een prijs van 10.000 gulden toe aan een ondersteuningsorganisatie voor illegalen. Pas in een forumdiskussie in de Agneskerk sprak Van der Kolk, federatiebestuurder, werkelijk actief zijn solidariteit uit. Ook plaatsten FNV, CNV en MHP een advertentie in de grote landelijke dagbladen met de oproep aan de politiek de 'witte illegalen' een verblijfsvergunning te geven en de Koppelingswet af te schaffen.

Verschillende bonden hebben hun solidariteit betuigd met de hongerstakers. Ze schreven brieven en bezochten de Haagse hongerstakers. FNV Bondgenoten Amsterdam nam geen blad voor de mond in een brief aan Cohen. Een delegatie van de Bouw- en Houtbond FNV was zwaar onder de indruk van de verzwakte hongerstakers. Haar bijdrage was echter, gezien de situatie, wat lachwekkend: de hongerstakende leden kregen een speldje.

Bemiddelingscommissie

Het solidariteitscomité vroeg de vakcentrales, GroenLinks en de SP samen een demonstratie te organiseren om de maatschappelijke steun meer zichtbaar te maken. Ze stemden toe en zouden de demonstratie mede-financieren. Deze is echter door voortijdige beëindiging van de hongerstaking afgelast. De vakcentrales hadden het comité overigens eerder laten weten niet achter het actiemiddel hongerstaking te kunnen staan en wilden geen bijdrage leveren aan kosten die daarmee rechtstreeks in verband stonden.

Op uitnodiging van de hongerstakers in de Agneskerk namen FNV-voorzitter De Waal en CNV-voorzitter Terpsta samen met mensen uit de kerkelijke wereld deel aan een bemiddelingscommissie. Die moest Cohen een voor de hongerstakers aanvaardbare oplossing vragen. Ze kregen van hem een lijstje legalisatiecriteria mee, dat de indruk wekte dat een herbeoordeling van de dossiers gunstig zou uitvallen. Het lukte de commissie echter niet harde garanties te krijgen. Toch werd de hongerstakers gevraagd Cohen te vertrouwen, hun actie te beëindigen en hun dossiers in te leveren. "De samenleving heeft een signaal afgegeven. Daarnaast kijken een miljoen bondsleden mee over de schouder van Cohen bij zijn beoordeling", aldus De Waal. De vakbeweging heeft hierna de politiek niet meer actief bewerkt.

Raadsel

Op 1 februari kregen slechts dertien personen een verblijfsvergunning. Na een kort gesprek met Cohen, stelden de vakbondsmannen zich in hun allereerste reactie achter de staatssecretaris op. De weken daarop bogen advocaten zich nogmaals over de dossiers. Zij concludeerden, net als het solidariteitscomité, dat Cohen volstrekt willekeurig tot dertien vergunningen is gekomen. De Waal sloot zich daabij aan. "Er klopt iets niet. De dossiers wijzen in een heel andere richting dan Cohen heeft gezegd. Eigenaardig. Ik sta voor een raadsel." Ook Terpstra van het CNV reageerde. Hij bepleitte opnieuw de legalisering van de 'witte illegalen', maar voegde er helaas aan toe dat de politiek consequenter het harde vreemdelingenbeleid moet uitvoeren. Ook hij begreep niets van Cohen's beslissingen. "We hadden afspraken op papier, maar daarvan zien we bitter weinig terug."

De vakcentrales begonnen daarna met een lobby richting politiek Den Haag, omdat zij vinden dat daar de oplossing van het probleem ligt. CDA en PvdA zijn benaderd, maar daar is in de officiële standpunten nog weinig verschuiving zichtbaar.

Het water is de meeste illegalen inmiddels tot de lippen gestegen. Velen hebben hun huis verlaten en vrouw en kinderen elders ondergebracht uit angst voor deportatie. Zij leven van het geld en de goede gunsten van vrienden en familieleden. Van echte bevlogen solidariteit zou pas sprake zijn als de vakbeweging een meer offensieve benadering kiest en de Nederlandse regering aanklaagt. Heel praktische solidariteit zou zijn: de openstelling van de stakingskassen voor de slachtoffers van de Koppelingswet, die wit werken immers onmogelijk maakt. Dat zou vele 'illegalen' de moed en bestaansmogelijkheden geven hun strijd voor legalisatie voort te zetten.

Ellen de Waard
(Plus6 Min6)

Plus6 Min6 is het solidariteitscomité van de hongerstakers in de Haagse Agneskerk. Ellen neemt daarin deel namens De Fabel van de illegaal. Deze Leidse organisatie voert tevens het secretariaat van het landelijk comité "Geen mens is illegaal" dat streeft naar legalisatie van de slachtoffers van de Koppelingswet.