nr. 89
maart 1999

welkom
edities
inhoud

Solidariteit

Arbodiensten, bedrijfsartsen en WAO

Collectief regelen wat nu geprivatiseerd is

De WAO is terug op de politieke agenda. Het aantal uitkeringen is weer boven de 900.000. Den Haag zint op maatregelen. Werkgeversbaas Blankert eist een kortere duur en een lagere uitkering. Zijn 'middenkleine' kollega De Boer gaat het om harde maatregelen; hij gelooft niet in arbeidsongeschiktheid op psychische gronden. De VVD wil de uitkering verlagen en de keuringen aanscherpen. Melkert daarentegen wil ontslagbescherming voor mensen die op het punt staan in de WAO te belanden. En de FNV? Zij spreekt over nationalisering van de arbodiensten.

De Wet op de arbeidsongeschiktheid is uniek in de wereld. De oorzaak of de aandoening - op het werk of elders opgelopen - heeft geen invloed op de uitkering. Formeel is dat nog steeds zo, maar de laatste jaren is veel omgegooid. Het aantal WAO-ers daalde, mede door de herkeuring van arbeidsongeschikten die daarna de arbeidsmarkt werden opgestuurd. De overheid privatiseerde de Ziektewet en legde de verantwoordelijkheid bij de ondernemer neer. Arbodiensten werden in het leven geroepen en moesten zorgen dat zieke werknemers het eerste jaar werden begeleid. Toetreden tot de WAO werd moeilijker.

Paul Ulenbelt was graag bereid zijn visie te geven. Paul is hoofd afdeling arbeidsomstandigheden bij FNV Bondgenoten.

Scorende arbodiensten

Wat is er de afgelopen drie jaar misgegaan met de arbodiensten?

Paul - In 1994 kwam er een nieuwe opzet van de arbodiensten, ze kregen er een paar wettelijk taken bij. Zoals het bijstaan van de werkgever bij ziekteverzuim en het geven van adviezen in het ziekteverzuimbeleid. Dat speelde in een tijd dat overal deregulering op los werd gelaten. Daarvoor had je ook al arbodiensten, bedrijfsgezondheidsdiensten geheten. Maar alleen voor bedrijven die meer dan vijfhonderd arbeiders in dienst hadden, of als er een gezondheidsgevaar was, bijvoorbeeld bij de brandweer. Ze waren niet commercieel.

De 'sociale partners' wilden echter een arbozorg verplicht stellen voor iedere werkgever. Dat zag er best wel goed uit. Maar het werd tegen de zin van de FNV commercieel. Wij hebben toen besloten die arbodiensten eens goed tegen het licht te houden. De ondernemingsraden kregen hulp bij het maken van hun keuzes voor arbodiensten, hoe moet een ziekteverzuimbeleid er uit zien enzovoort. We bleven echter talloze klachten ontvangen en openden in 1998 een klachtenlijn. In no time kwamen vijfhonderd klachten binnen, die allemaal te maken hadden met de behandeling van de zieke werknemer door de bedrijfsartsen. Die artsen bleken hun onafhankelijkheid bij de arbodiensten niet overeind te kunnen houden. In de ogen van de werkgevers, tevens opdrachtgevers, moesten de arbodiensten scoren. Ze wilden dat best en er brak een zware concurrentieslag uit, waarbij de bedrijfsarts in de knel kwam. In veel gevallen hield dat in dat de zieke werknemer aan het kortste eind trok. De arts oefende grote druk op hem of haar uit om snel en sneller weer aan het werk te gaan.

Deze problemen hebben we toen naar buiten gebracht. Voor staatssecretaris Hoogervorst was dat reden voor een aantal maatregelen, zoals een landelijke klachtenlijn en een gedragscode voor bedrijfsartsen. Voorlopig lijk me dat niet meer dan een doekje voor het bloeden.

Doktertje spelen

Wat moet er dan wel gebeuren met die arbodiensten en de bedrijfsartsen?

Paul - Het idee van de FNV is om de arbodiensten weer terug te brengen in het publieke domein. Als private ondernemingen, gericht op winst, gaat het voor de werknemers helemaal mis. De arbodiensten kunnen slechts adviseren en de bedrijven niets opleggen. Door hun financiële afhankelijkheid kunnen ze zich ten opzichte van de werkgever alleen bewijzen door het ziekteverzuim laag te houden. Bevalt de arbodienst niet, dan zegt de werkgever het contract, dat meestal voor een jaar gesloten wordt, gewoon op en zoekt hij een arbodienst die doet wat hij wil. Het verhaal van 'wiens brood men eet, wiens woord men spreekt'.

Daarbinnen functioneren de bedrijfsartsen. Drie jaar geleden hadden al die arbodiensten artsen nodig en wie maar een beetje doktertje kon spelen werd aangenomen. We worden dan ook steeds vaker gebeld door VGWM-commissies die de uitspraak van de arboarts in twijfel trekken. Een voorbeeld hiervan is een zwangere vrouw die op een laboratorium werkt. Zij heeft daar met nikkel te maken. Op haar vraag aan de bedrijfsarts naar eventuele gevolgen voor haar ongeboren kind, krijgt zij te horen dat nikkel geen gevaar kan opleveren. Terwijl nikkel nota bene op de lijst van reprotoxische stoffen staat en schadelijk kan zijn voor het nageslacht. Een ander voorbeeld dat via de de klachtenlijn binnenkwam. Roet uit een dieseluitlaat in de remise van een busstation. De VGWM-commissie gaat naar de bedrijfsarts en krijgt als antwoord: 'roet zit ook in Norit, er is niks aan de hand'. Terwijl het op de lijst van kankerverwekkend stoffen staat. Zo'n arts is òf zijn onafhankelijkheid kwijt, dan hoort hij er niet te zitten, òf is onkundig en dan hoort hij er ook niet te zitten.

Het Duitse model

Terug naar het publieke domein, zei je, dus nationaliseren? Ik las dat de Agnes Jongerius van de centrale FNV de keuring en begeleiding wil laten plaatsvinden in de Centra voor Werk en Inkomen; is dat de oplossing?

Paul - Afgelopen zomer hadden wij als 'arbotypes' van de FNV een kennismakingsgesprek met de nieuwe Kamerleden die 'arbo' in hun pakket hebben. Ze vroegen naar de positie van de arbodiensten. Ik heb gezegd dat je deze moet onderbrengen bij ziekenhuizen. Dan kan de zieke werknemer kiezen waar hij zich wil laten onderzoeken. De prijzen zijn overal hetzelfde enzovoort. En dan mogen ze best met elkaar concurreren, maar net zoals scholen dat doen. Als ouder heb je immers de vrijheid om voor je kind een school te kiezen. Agnes heeft een ander idee, namelijk onderbrengen in een Centrum voor Werk en Inkomen, dat zou kunnen. Maar wat ook kan, is het Duitse model. Daar heb je het 'Berufsgenossenschaft', dat zorgt voor de uitkering, het ziekteverzuimbeleid en het arbeidsbeleid. En daaronder valt ook alles wat met preventie te maken heeft.

De fout bij de Nederlandse bedrijfsvereniging in het verleden is, naar mijn idee, geweest dat zij op het gebied van een uitkering alles kon voorschrijven. Wie wel en wie niet in aanmerking kwam. Maar de bedrijfsverenigingen hadden niet de bevoegdheid de bedrijven iets voor te schrijven. Noch op het terrein van de veilgheid, noch op het terrein van ziekmakende arbeidsfactoren. Ik zou dat wel willen. Een combinatie, zoals in Duitsland, van uitkering, beleid en preventie. Daar schrijven ze gewoon voor wat wel en niet mag. Bij de FNV voeren wij deze discussie: nu gaat het fout, waar moeten we naar toe. Maar dat betekent heel veel lobbyen en of het lukt? In de arbodiensten zitten verzekeringsmaatschappijen en pensioenfondsen; die hebben er veel geld in gestoken en werk je er niet zo maar weer uit.

Aan de voorkant beginnen

Het aantal mensen dat naar de WAO verwezen wordt, neemt weer toe, terwijl de keuringen strenger worden. Hoe zit dat?

Paul - Als iemand langer dan een jaar ziek is en de bedrijfsarts niks met hem of haar heeft kunnen doen, volgt ontslag. Dat gebeurt automatisch. Als een werkgever iemand niet terug wil, bespreekt hij dit met de bedrijfsarts. Wanneer deze arts de werkgever niet op andere gedachten weet te brengen, volgt de WAO. De bedrijven zijn daarvoor verzekerd. Dat kost wel een paar centen, maar kennelijk minder dan iemand in dienst houden. Dan wordt de zieke werknemer ingeruild tegen een fris en vrolijk iemand. Zoals gezegd, het zwakke van een arbodienst is dat alleen maar advies gegeven kan worden. En of de werkgever dit advies opvolgt of niet, is niet het pakkie-an van de arbodienst en arts.

Als de overheid wil dat minder mensen in de WAO belanden, dan moet aan het begin begonnen worden. Ten eerste: er voor zorgen dat de arbeidsomstandigheden zo zijn dat mensen er niet ziek van worden. Of dat nu door giftige stoffen of door stress komt, maakt niet uit. Daar is de afgelopen jaren weinig aandacht aan besteed. Ten tweede: er voor zorgen dat mensen zo kort mogelijk ziek zijn; een deel wordt gewoon weer beter. En ten derde: regelen dat gedeeltelijk arbeidsongeschikten weer een plek binnen het bedrijf krijgen.

Maar wat zie je in elke discussie hierover gebeuren? Er wordt achteraan begonnen, bij de duur en hoogte van de uitkering, respectievelijk korter en lager. Met name Blankert en de VVD zijn daar sterk in. Ze hebben totaal geen oog voor de realiteit in de bedrijven. Daar is de laatste tijd flink wat veranderd. Mensen die vroeger niet meer mee konden, kregen lichtere baantjes zoals portier, op de postkamer of bij de telefoon. Maar dat werk is allemaal uitbesteed. En dat zijn ook werkgevers die niet zitten te wachten op werknemers met een vlekje. Zo is de mogelijkheid om een sociaal beleid te voeren verdwenen en dat begint nu te klemmen. Volgens mij ligt daar een belangrijke oorzaak van de stijging van het aantal WAO-ers. Men kan hen intern niet meer kwijt.

Buitenlandse voorbeelden

Bij de beoordeling van de WAO-cijfers wordt altijd naar het buitenland verwezen, bijvoorbeeld naar Duitsland. In Nederland zouden de getallen extreem hoog zijn.

Paul - Laat ik me tot Duitsland beperken. Daar zijn twee systemen. Als je ziek wordt door het werk, kom je in de WAO terecht. Is dat niet geval, dan val je rechtstreeks in de bijstand. De verdeling is ongeveer fifty-fifty, dus de rekensom is simpel te maken.

Die vergelijking slaat dus nergens op. Dat geldt ook voor andere landen. Daarom zeg ik op mijn beurt, laten we overgaan op de Duitse 'arbeidsdiensten' en weer bedrijfstakfondsen instellen voor de Ziektewet. En daaraan gekoppeld de voorschriften van bedrijfsverenigingen over hoe er gewerkt moet worden in de bedrijven. Daarmee slaan we twee vliegen in één klap. We nemen de kritiek weg op de oude bedrijfsverenigingen en ook op de huidige commerciële arbodiensten. Weer collectief regelen wat geprivatiseerd is.

Ga maar weer aan het werk

Is wat we met de Bijlmerramp meemaken, waarbij de veilgheid en gezondheid van bewoners en hulpverleners ondergeschikt zijn aan economiese en politieke belangen, van toepassing op de zorg van de arbodiensten?

Paul - De omslag is eenvoudig samen te vatten. Voordat de arbodiensten de markt opgingen, was het 'je bent nog ziek, laten we het even aankijken'. Daarna werd het 'je bent nog niet helemaal beter, probeer maar alvast aan het werk te gaan'.

Neem de verzekeringsartsen van het GAK, ze werden ondergebracht in marktconforme arbodiensten. Vroeger kwamen ze hun spreekkamer niet uit en keken gewoon wat iemands beperkingen waren. Nu moeten ze de markt op, public relations bedrijven, contracten afsluiten en als account manager optreden. En als er dan een chef is die alleen maar marktgericht denkt, gaan de economische belangen van de arbodienst prevaleren boven de gezondheidsbelangen van de werknemers. Waar we behoefte aan hebben is het inzicht dat het helemaal fout gaat met die commerciële arbodiensten. De politiek maakt zich wel zorgen, maar heeft geen greep op de ontwikkelingen. Medische keuring mag niet meer, het gebeurt toch. Hoe staat het met de privacy? Medische dossiers van patiënten worden doorgespeeld aan de verzekeraars, wat gebeurt daarmee? Wat is de rol van de verzekeraars met hun grote financiële belangen in de arbodiensten?

De oude arbodiensten van voor 1994 besteedden zo'n 80 procent van hun tijd aan preventie en inspecties op de werkplek. Aan begeleiding van de zieke werknemer ongeveer 20 procent. Na de privatisering is die verhouding totaal omgedraaid.

Mijn stelling is dat bedrijfsgezondheid een onderdeel is van de volksgezondheidzorg en die mag niet via de markt lopen. Bovendien moeten de arbeidstandigheden mensen niet ziek kunnen maken. Dat moeten de uitgangspunten van vakbondsbeleid zijn.

Ton Dijkstra