nr. 89
maart 1999

welkom
edities
inhoud

Solidariteit

Machtsonderzoek, na de '200 van Mertens'

Blijven graven naar macht

De geest van Mertens waart door het land. Zoveel lijkt wel zeker. In oktober 1998 vond in het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis een workshop plaats met de titel: 30 Jaar 200 van Mertens. Een maand later verschenen twee lijvige boeken rond hetzelfde thema: Altlas van de Macht en XXL. Een weerbericht vanuit de coulissen van het machtsonderzoek.

Voormalig NKV-voorzitter, Jan Mertens, wiens naam nog altijd spreekwoordelijk is verbonden met economische machtsconcentratie in Nederland, is al een aantal jaren dood. Maar op de kop af dertig jaar na zijn roemruchte toespraak in Sneek in 1968, waarin hij zijn zorgen uitte over het idee dat de hele economie in Nederland in handen is van ongeveer tweehonderd personen, staat zijn gedachtengoed opnieuw in de belangstelling.

De opmerkingen van Mertens waren indertijd aanleiding voor veel commotie, publiciteit en zelfs Kamervragen. Mertens dreigde met zijn opmerkingen het corporatistisch bestel (tegenwoordig beter bekend als poldermodel) te verlaten. In diezelfde periode, zo bleek uit het knipselarchief van één van de deelnemers aan de workshop, beaamde Mertens tegen een groep KWJ-jongeren dat het beeld kon zijn ontstaan dat zijn bond al te zeer in de pas liep met het bedrijfsleven.

Elite en macht

In januari 1972 vond nog een openbaar debat plaats in het gebouw van de Tweede Kamer. De organisatie ervan lag in handen van de redactie van het linkse weekblad de Nieuwe Linie en de PPR. Op universiteiten, maar ook daarbuiten, gingen groepen aan de slag om de stelling van Mertens te onderzoeken. Terwijl een deel van de studenten de naweeën van de bezetting van het Maagdenhuis besprak, of gewoon de roes uitsliep, turfden anderen, zoals Meindert Fennema, dag in dag uit de dubbelfuncties voor netwerkanalyses van de relaties in het Nederlandse bedrijfsleven. Darmee werd de basis gelegd voor het boek Graven naar macht dat in 1975 verscheen. Tussen 1977 en 1980 was de Stichting Macht & Elite actief. Zij verbond onderzoek naar de genealogie van adellijke geslachten en topfunctionarissen in het bedrijfsleven aan de ontwikkeling van actiemethoden om die elite in diskrediet te brengen en haar werk effectief te hinderen. In deze periode start ook Jos van Hezewijk met zijn biografisch onderzoek naar de topelite in Nederland. Jaren later, in 1986 en 1988, publiceert hij zijn eerste boeken over die topelite en hun netwerken. Hij is dan al regelmatig thuis op de koffie geweest bij een deel van zijn elite. Naar zijn oordeel is haar macht tamelijk beperkt. Zij deelt haar invloed met het maatschappelijk middenveld.

Mertens' comeback

Van een kritische traditie van elite-onderzoek is eind jaren negentig weinig meer over. Het sociale prestige van ondernemers is zo hoog dat de term 'herfeodalisering' valt om de actuele maatschappelijke verhoudingen te typeren. In die ontwikkeling zien we dat kritiek uit de openbaarheid wordt weggedrukt door een stortvloed van glossy managementbladen, waarin het zakelijk succes van ondernemers wordt bejubeld en een/hun extravagante levensstijl als ideaal rolmodel wordt gepropageerd. Nu ook vakbonden in het poldermodel zich sterk maken voor het herstel van de winstgevendheid van het bedrijfsleven lijkt Mertens geheel en al vergeten.

Tegen deze achtergrond is de hernieuwde belangstelling voor het gedachtengoed van Mertens opmerkelijk. Feit is dat SP-fractievoorzitter Jan Marijnissen, zoals in zijn voorwoord van de Atlas van de Macht valt te lezen, Stichting Opstand in 1996 de opdracht gunde voor een onderzoek naar de '200 van Mertens'. Lopende het onderzoek ontstond het idee om de macht 'zichtbaar' te maken met kaarten en schema's van netwerken tussen personen en bedrijven op grond van dubbelfuncties en bezit van aandelen. De inzet was om 'de macht' en het kapitalisme een gezicht te geven. Dit als aanzet tot een praktijk om die macht kritisch onder de aandacht te brengen en voor zijn daden ter verantwoording te roepen. Kortom, de SP op zoek naar 'maatwerk' en precisie bij het gooien van de tomaat.

Het boek XXL van Van Hezewijk en Metze heeft een heel andere invalshoek. Geheel in de toonzetting van voornoemde managementbladen wordt door hen de top van het bedrijfsleven, de bedrijven èn hun topmanagers, 'de maat genomen'. Als maat geldt hun prestatie van de afgelopen vijftien jaar - afgezet tegen de gemiddelde toename van het eigen vermogen en de beurswaarde. Daarbij worden netwerken rond bedrijven in kaart gebracht en veranderingen daarin van commentaar voorzien.

De temmende methode

Aan het manuscript, dat door Opstand in de zomer van 1997 is afgerond, is door een nieuwe redactie van vier personen - een bijzondere coalitie van de SP en uitgeverij Papieren Tijger - nog een jaar gewerkt, voordat in november de Atlas van de Macht het licht mocht zien. Het resultaat mag er wezen. Vooral in de vormgeving, het formaat en het gebruik van kleuren, is fors geïnvesteerd. Als introductie tot de materie is het leuk en luchtig gehouden. Een leesboek is het niet, maar een paar regenachtige zondagen kun je er in bladeren, schemaatjes nalopen en je een beetje vergapen aan het ons-kent-ons in de top van het Nederlandse bedrijfsleven.

Inhoudelijk heeft de Atlas van de Macht in het extra jaar van productie, afgezet tegen het oorspronkellijke manuscript, aan kwaliteit ingeboet. Enerzijds ligt dit verlies in de uitwerking van het voor de Atlas centrale concept van 'macht'. Anderzijds zijn in de tekst tal van oncontroleerbare stellingen en nuances geslopen die wijzen op vooringenomenheid van de redactie om een oordeel te willen vellen over zaken die (nog) niet zijn onderzocht.

Macht is, volgens de gehanteerde definitie (pagina 14), "het vermogen om iemand anders, zo nodig tegen diens wil, dingen te laten doen", alsmede "het vermogen om de omgeving (natuurlijk, maatschappelijk en politiek) te beïnvloeden en te veranderen". Het eerste abstracte en formele deel van deze definitie komt uit de sociologische traditie van Weber. Met het tweede deel van de definitie wordt de lezer echter het 'begrippenbos' ingestuurd.

Mogelijk vanuit de wens om reeds binnen het bestek van de definitie de aansluiting op het alledaagse spraakgebruik te maken, wordt in het eerste hoofdstuk op een geforceerde manier een samenhang geconstrueerd tussen economische macht en macht over (andere) zaken als werkgelegenheid, politiek, media, cultuur, onderwijs en gezondheidszorg. Daarin zit geen ruimte meer voor de spannende invalshoek van "tegen de wil" uit het eerste deel van de definitie. In de in Nederland overwegend formeel vreedzame verhoudingen zou vanuit een links perspectief juist over de gewillige onderschikking van mensen nagedacht moeten worden. Een dergelijke opdracht gaat natuurlijk het bestek van een Atlas van de Macht te boven. Maar een vanuit dit soort overwegingen ingegeven bescheidenheid zou de redactie er misschien van hebben weerhouden om een, voor niet-ingewijden, onvolgbare rekenkundige methode te ontwikkelen voor de bepaling van hun Top 100. Het heeft niet zo veel zin zaken als het eigen vermogen, werkgelegenheid en omzet ingewikkeld tot ordinale grootheden (ranggetallen) om te rekenen. Vervolgens deze eenvoudig bij elkaar op te tellen, zonder dat de (ook rekenkundige) relatie tussen deze grootheden wordt geproblematiseerd. En bovendien bij de waardering van functies b?nnen een onderneming eenvoudig op de intuïtie te varen. Zo worden zaken onnodig ingewikkeld gemaakt en wordt ten onrechte de suggestie gewekt dat de complexe werkelijkheid met de methode kan worden getemd. Daarmee werpt de Atlas van de Macht, anders dan hij propageert, juist een blokkade op voor mensen die anders wel een bijdrage zouden kunnen leveren aan het boven water krijgen van netwerken en praktijken van ontoelaatbare belangenverstrengeling in de eigen omgeving.

Spektakel en anekdotes

Het boek XXL is, zoals de auteurs zelf in het voorwoord aankondigen, een merkwaardig boek geworden. Net als de Atlas van de Macht leest ook XXL niet lekker weg. Het boek bevat een onwaarschijnlijke hoeveelheid feiten en cijfers, maar de analyse van hun onderlinge samenhang steekt daarbij erg schril af. Dat stelt teleur. Vooral van Jos van Hezewijk. Bekend is dat hij van zijn uit de hand gelopen hobby, die al eind jaren zeventig begint, een beroep heeft gemaakt als leverancier van adressen voor de direct-mail reclame-industrie en van mutatieoverzichten van topfunctionarissen. Een deel van zijn databank is - tegen betaling - via internet toegankelijk. Door zijn inspanningen over de jaren heen is hij als geen ander in de gelegenheid de ontwikkelingen door de tijd te onderzoeken en te analyseren. Dat schept verwachtingen die helaas niet worden bevredigd. De geboden inzichten overstijgen zelden het spektakel en de aaneenrijging van anekdotes. De inbreng van Metze zal de vlotte schrijfstijl zijn, waarin de suggestie ligt gebakken dat de lezer deelgenoot wordt van de wereld van een happy few.

Eerder, in 1986/1988, nuanceerde Van Hezewijk al de macht van de topelite. Samen met Metze komt hij nu tot een wonderlijk pluralistische bezwering van de macht. Nadat zij hebben beschreven dat de invloed van het bedrijfsleven het vacuüm van de terugtredende overheid heeft opgevuld, komen zij via het debacle van Sport 7 en de Brent-Spar-affaire tot de volgende conclusie: de schuivende machtsverhoudingen ontwikkelden zich eerst ten gunste van het bedrijfsleven en zijn leiders, en nu weer wat meer ten gunste van de 'maatschappij als geheel'.

Tenslotte moet van de meetlat, die Van Hezewijk en Metze hebben ontwikkeld voor de beoordeling van de prestaties van bedrijven en hun topfunctionarissen, worden gezegd dat deze in wezen samenvalt met de 'shareholders value' van een bedrijf. Vooral in kringen van beleggers en hoekmannen op de beurs zal de methode met belangstelling zijn ontvangen. Voor de maatschappij als geheel is het criterium veel te smal om er algemene geldigheid aan te ontlenen - laat staan dat het ons iets leert over de concrete werking van de macht.

Bestseller

Het feit dat de boeken in de zelfde week verschenen, zal hun verkoop geen goed doen. En àls de Atlas van de Macht de discussie al had k-nnen beïnvloeden, dan is die invloed middels XXL goeddeels geneutraliseerd. Curieus in dit verband is wel dat Van Hezewijk in elk geval zijdelings bij de uitgave van de Atlas van de Macht betrokken is geweest. Eén en mogelijk meer versies van het manuscript heeft hij onder ogen gehad. Wedijver als inspiratie? Het is ook mogelijk dat het initiatief van de SUN afkomstig is, de uitgever van XXL. De SUN is benaderd met de vraag of zij belangstelling had voor een atlas van de macht. Neen, luidde het antwoord. Wellicht was dat besluit mede ingegeven door de overweging dat een samenwerkingsverband tussen de SUN, SP en Stichting Opstand iets te veel van een 'linkse' coalitie of revival in zich droeg voor een bestseller. Een dergelijke ballast rust niet op de auteurs van XXL, die - zo lezen we op de achterflap - al vaker een bestseller op de mat hebben gelegd.

CD-Rom en internet

De snelheid waarmee de veranderingen op het gebied van fusies en personele samenstelling van de top zich in het bedrijfsleven voordoen, maakt dat elke momentopname al snel gedateerd aandoet. Dit gegeven, naast het brokkelige karakter van de geleverde informatie, voedt het idee dat de boekvorm als drager van de resultaten van het onderzoek naar de macht in Nederland zo langzamerhand achterhaald begint te raken. De nieuw verworven mogelijkheden van CD-Rom en/of internet liggen momenteel eerder voor de hand.

Tijdens de workshop van Opstand in oktober kwamen de aanwezigen onder meer tot de bevinding dat de netwerkanalyse van de macht ondersteunend kan zijn voor kwalitatief onderzoek en concrete actie. Daarbij werd opgemerkt dat niet de kracht van de elite, maar de breekpunten in hun onderlinge verbanden van belang zijn. Een kijkje in het doopceel van betrokken topmanagers, dat door zowel de Atlas van de Macht als XXL geboden wordt, is daarvoor best interessant, maar nog niet veel meer dan dat. Het is tijd voor een nieuwe lente, een nieuw geluid.

Jan Müter
(Stichting Searchweb, voorheen Stichting Opstand)

* Workshop Reader 30 Jaar 200 van Mertens, Stichting Opstand (red.), 16 oktober 1998. Met bijdragen van Stephen Snelders, Jan Müter, Hans Boot en Eric Wesselius.
* Atlas van de Macht, Nico Schouten, Karel Glastra van Loon, Tiny Kox en Paul de Ridder, Papieren Tijger en Ketch-Up Press, Breda/Rotterdam, 1998.
* XXL De macht, het netwerk, de prestaties en de wereld van de Nederlandse topmanagers, Jos van Hezewijk en Marcel Metze, SUN, Nijmegen, 1998.