nr. 64
dec 1994

welkom
edities
inhoud

Solidariteit

België, Duitsland, Frankrijk

Een belgiese prikkel

De 32-urige werkweek speelt niet alleen in Nederland. Sterker nog, het Algemeen Belgisch Vakverbond heeft na het Buitengewoon Kongres van oktober jongstleden de 32 uur tot onderdeel van zijn programma gemaakt. Het staat er verpakt en voorzichtig, maar mede door de vrij sterke kritiese stromingen kan dit een meer radikale ontwikkeling aanzwengelen.

"MINDER WERKEN, door diverse kollektieve formules zoals de vermindering van de arbeidsweek met als doel de 4 dagen en op termijn de 32-urenweek of de verkorting van een loopbaan."
De slagen om de arm zijn duidelijk, maar de voorwaarden liegen er niet om, zeker voor nederlandse begrippen. Loonbehoud, kompenserende aanwervingen, syndikale kontrole en sankties wanneer de aanwervingen niet geëerbiedigd worden.

Duidelijk verder

Wat in het standpunt van het ABVV ontbreekt, komt ons bekend voor. Niet in één keer, maar stapsgewijs. Op weg naar de 32 uur zijn flexibilisering en verlenging van de arbeidsdag niet uitgesloten. Tevens is er ruimte voor individueel maatwerk. Daar tegenover staat dat het besluit is genomen van "veralgemening van de 38-urenweek via wettelijke weg". Tot slot kan de wijze van financieren tot afzwakking leiden van de looneisen in de CAO's. Als belangrijkste bron wordt namelijk genoemd "een deel van de ekonomische groei en van de produktiviteitswinsten." Konklusie, in België zijn ze verder en lijken de kansen op een brede mobilisering groter.

Volkswagen

Bij Volkswagen in Duitsland zien we bij de IG-Metall een heel andere ontwikkeling. Tenminste, als we afgaan op het akkoord dat gesloten is. Vorig jaar maakte de direktie van Volkswagen bekend dat zij genoodzaakt was 30.000 van de 100.000 arbeidsplaatsen af te stoten. Voorgesteld werd een arbeidstijdverkorting van 20 procent tegen een evenredige loonsvermindering; een werkweek van 28,8 uur. Samen met extra verlof voor jongeren en ouderen, plus een ouderenregeling zou op deze manier de overkapaciteit weggewerkt kunnen worden.
Uiteindelijk werd met IG-Metall een akkoord bereikt dat uitkwam op 10 procent loonverlies. Dat werd mogelijk gemaakt door te snijden in een aantal loontoeslagen. De arbeid(st)ers waren bereid dit te aanvaarden, als er een werkgarantie voor twee jaar aan verbonden werd. Dus voorlopig geen ontslagen. De Volkswagen-direktie ging hierin mee en trok alles bij elkaar aan het langste eind. Een sociaal plan was niet nodig en dat scheelt geld. De kennis van de arbeiders verdwijnt niet uit de onderneming. Als de produktie daarom vraagt, kan Volkswagen de kontrakten tijdelijk uitbreiden. Dus flexibilisering op maat van de konjunktuur.
In een ander IG-MetalI-akkoord (metaal-elektro branche) zien we een flexibilisering van de wekelijkse arbeidstijd zoals we die ook in Nederland steeds meer tegenkomen. Met de niet onbelangrijke aantekening dat de schommeling loopt van 30 tot 36 uur (loonsverhoging 2 procent, minder dan de prijsstijgingen). Interessant is te weten dat in Duitsland het gemiddeld aantal uren per jaar lager is dan in Nederland: 1.667 (bij ons 1.732 uur).

Gidsland

De omvang van het aantal deeltijdbanen in Nederland wordt door de regeringen en ondernemers in landen als België, Duitsland en Frankrijk met bewondering gadegeslagen. Kohl spreekt op dit punt zelfs van een 'gidsland'. Nederland is namelijk koploper met 34,3 procent van de werkende bevolking (OESO-rapport, NRC Handelsblad, 19 oktober 1993). Hoe de verdeling van arbeid tussen mannen en vrouwen is, blijkt uit een uitsplitsing van dit cijfer. Van de mannen werkt in deeltijd: 16,7 procent en van de vrouwen: 62,2 (overwegend 'kleinere' banen). In België is het gemiddelde cijfer 12 procent (aandeel vrouwen: 89,6 procent), in Duitsland 15 procent (vrouwen: 90,5) en in Frankrijk 12 procent (vrouwen: 83,1).
De genoemde landen stimuleren deeltijdarbeid. Zo wordt in Duitsland overwogen een subsidie te geven wanneer mensen vrijwillig korter gaan werken. Nu al geldt het recht op behoud van een voltijd-werkloosheidsuitkering gedurende drie jaar na vrijwillige atv. In België bestaat een vergelijkbare regeling. In Frankrijk betalen werkgevers 50 procent minder premies aan sociale zekerheid bij banen die een omvang kennen van 80 procent van de standaard-werktijd.

Overigens kennen België en Frankrijk regelingen voor deeltijd-ontslag bij inkrimpende ondernemingen. Kollektief deeltijd-ontslag is daar gekoppeld aan een kollektieve toekenning van een deeltijd-uitkering. Onze vorige minister van Sociale Zekerheid en Werkgelegenheid, De Vries, zag niets in een dergelijke regeling. Het standpunt van zijn paarse opvolger is nog niet bekend.
Vlak voor zijn vertrek zette De Vries nog even de lijnen uit: "Ik konstateer in ons land een grote belangstelling onder de mensen met een volle baan om korter te werken, ook zonder enige vorm van subsidie." (Notitie over arbeidsduurverkorting, april 1994) Klopt aardig, subsidie hoeft niet, wel "loonbehoud met kompenserende aanwervingen".

Aad in 't Veld


Gemiddelde lengte van de werkweek in uren (1989)

Land voltijddeeltijdgemidd.% deeltijd
België 38,120,436,011,7
Duitsland 40,320,737,713,0
Frankrijk 39,921,937,712,2
G. Brittannië43,617,337,722,6
Italië 38,624,932,15,2
Nederland 39,116,532,130,9
EEG 40,619,237,613,7

Uit: De Internationale, zomer 1994 (Maxime Durand)

Assez Chômage!

Genoeg van de werkloosheid (assez chômage) hebben in Frankrijk de vakbondsleden rond Collectif, een 'zusterblad' van Solidariteit. Ze hebben het initiatief genomen tot een brede beweging tegen de werkloosheid. Vanaf mei 1993 zijn door deze samenwerking van onafhankelijke en lokale vakbonden, werklozenorganisaties en individuen akties gevoerd. Voorlopig hoogtepunt was een mars van Zuid- Frankrijk naar Parijs.
De akties lopen uiteen van een kampanje voor gratis openbaar vervoer voor werklozen tot het recht op wonen van daklozen. Maar dit alles wordt overkoepeld door de strijd voor een wet voor een kortere werkweek.
Speerpunt van de akties: 35 uur nu, en vervolgens elk jaar één uur minder tot de 30 uur is bereikt. Als financiering voor deze arbeidstijdverkorting wordt onder meer voorgesteld de belastingen te verhogen op het kapitaalsinkomen uit aandelen en het hergebruik van het geld voor sociale zekerheid bij bedrijven die banen kreëren.
En Assez Chômage zal er bij de verkiezingsstrijd volgend jaar alles aan doen de werklozen niet te doen vergeten.