|
nr. 104 dec 2001 |
Solidariteit
RedactioneelEen uitgelezen moment om toe te slaanHet lijkt al weer tijden geleden, maar een uur na de aanslagen in New York en Washington stuurde Jo Moore, een naaste medewerker van de Britse minister van Transport, een mailtje aan allerlei beleidsmakers van de Labourregering: 'Dit is een uitgelezen moment om controversiële besluiten naar buiten te brengen.' En het gebeurde. Bijvoorbeeld: de salarissen van lokale bestuurders gingen omhoog en een nucleaire opwerkingsfabriek kreeg opnieuw een vergunning. Een maand later bood Jo haar excuses aan, ze mocht van Blair blijven zitten, want ze was een zeer waardevolle kracht.Daarmee wordt aardig aangegeven wat regeringsleiders en al die anderen de afgelopen maanden bedoelen met 'na 11 september is alles anders'. De wereld is door de daden van terreur niet spontaan veranderd, nee deze worden aangegrepen om veranderingen door te voeren. De Amerikaanse FBI adviseert meer dan elfhonderd mensen vast te houden die verdacht worden van betrokkenheid bij de terreuraanvallen. Gebrek aan bewijs is geen reden meer hen vrij te laten. De Britse minister van Binnenlandse Zaken stelt voor de Europese Conventie voor de Rechten van de Mens op te schorten. Dat betekent onder meer dat mensen zonder vorm van proces opgesloten kunnen worden. De Nederlandse regering versterkt de inlichtingendiensten met het Actieplan Terrorismebestrijding, waarvoor jaarlijks 150 tot 200 miljoen gulden wordt uitgetrokken. De directeur van het Sociaal en Cultureel Planbureau, Schnabel, zegt over de periode vóór 11 september: "In het Westen heerste een zekere mate van zelfvoldaanheid. Bijna niemand geloofde nog in een Derde Wereldoorlog. Het leek te gaan om een, oplosbaar, probleem: het opheffen van de tegenstelling tussen rijk en arm." Hij vervolgt met een paar ontboezemingen: "Ik pleit voor bewaking niet alleen door camera's maar juist ook door mensen, in combinatie met een lik op stuk-beleid voor de plegers van delicten. (...) Neem de uitbreiding van de identificatieplicht. Dan roept iedereen meteen: Ausweis. Men ziet het als repressie van de overheid in plaats van als een veiligheidsmaatregel voor de burgers."(FNV Magazine, 1 november 2001) En dan laten we allerlei beleidsrechtvaardigingen bij ontslagen, werktijdverkorting en beperking van de vrije meningsuiting maar buiten beschouwing. Wie herinnert zich nog dat de Nederlandse vakbeweging zich trots sierde met het brede logo 'vredesbeweging'? Wanneer we nu de FNV benaderen voor een debat over de oorlog, krijgen we te horen dat een specifiek beleid op het terrein van vrede en veiligheid niet meer bestaat. Naast "help de nabestaanden" horen we weinig. De internationale vakbeweging roept tijdens de bombardementen in Afghanistan op tot voorzichtigheid ten opzichte van burgers. De voorzitter van de FNV, De Waal, schrijft terecht een brief van medeleven aan zijn Amerikaanse collega van de AFL-CIO, Sweeney. Maar diezelfde Sweeney stelt zich vol patriottisme achter het leiderschap van 'our president Bush'. Onder meer door de bond van staalarbeiders wordt hij daarover aangevallen. "Wat onze president. Zijn regering is de meest arbeidersvijandige van de laatste decennia, tast vrouwen- en vakbondsrechten en het milieu aan." Met andere bonden worden demonstraties georganiseerd voor vrede en tegen vreemdelingenhaat en racisme. Bij vergelijkbare demonstraties in Nederland doen vakbondsleden mee, maar ontbreekt elk officieel gezicht of geluid van de vakbeweging. Lezen we vervolgens dat FNV Bondgenoten bij Kok erop heeft aangedrongen deel te nemen aan de productie van een nieuw gevechtsvliegtuig - vanwege de werkgelegenheid - dan lijkt de tijd aangebroken van 'Bommen geven banen '. Redactie |