nr. 101
mei 2001

welkom
edities
inhoud

Solidariteit

Bureau Beroepsziekten FNV - een eerste balans

Op de arbeidsplaats wordt veel schade geleden

Sinds 1 mei 2000 functioneert het Bureau Beroepsziekten FNV, een gespecialiseerde dienst die een aanvulling is op de bestaande mogelijkheden van rechtsbijstand die de FNV kent. Inmiddels zijn er duizenden telefoontjes om informatie geweest, 1.500 dossiers doorgenomen en met ongeveer 600 mensen intakegesprekken gevoerd. Over de stand van zaken na een jaar spraken we met de directeur van het bureau, Paul Ulenbelt.

Wat is een beroepsziekte? Paul hanteert de volgende omschrijving: Een aandoening, ziekte of gebrek, in hoofdzaak ontstaan door arbeidsomstandigheden, waarin voor langere tijd in te belastende situaties is gewerkt. In dit laatste aspect ligt een onderscheid met een arbeidsongeval waarbij onmiddellijk gezondheidsschade is opgelopen. Elk jaar lopen meer dan 20.000 mensen een beroepsziekte op. Van lawaaidoofheid via longaandoeningen tot burnout.

Onderzoek

Aantonen van een beroepsziekte is relatief gemakkelijk in het geval dat iemand in een bepaald jaar zwaar werk is gaan doen, voor die tijd nooit rugklachten heeft gehad en een jaar later uitvalt met problemen aan de onderrug. Heel wat moeilijker wordt het als uit het medisch dossier blijkt dat iemand op twaalfjarige leeftijd een ongeluk heeft gehad met turnen en acht jaar later met de motor. Paul: "Ja, dan is het moeilijk aan te tonen dat de rugklachten op zijn of haar dertigste door het werk komen."

Daarmee is het veld aangegeven waarin het Bureau Beroepsziekten (BBZ) opereert. Blijkt uit een eerste contact dat er wat aan de hand is, gaat één van de medewerkers van het BBZ op huisbezoek en wordt de gehele werkgeschiedenis van de betrokkene doorgenomen. Tevens wordt het medisch dossier opgevraagd om na te gaan of de gemelde klachten parallel lopen met dat dossier.

Dit ontrafelen en opsporen van de oorzaak van de klachten heeft voor het BBZ twee functies. In de eerste plaats: maatregelen nemen, bijvoorbeeld de juiste medische behandeling in gang zetten en collega's behoeden voor hetzelfde lot. In de tweede plaats: vaststellen in hoeverre de ziekte samenhangt met factoren in het werk; dit is van essentieel belang wanneer een werknemer de werkgever aansprakelijk wil stellen voor de opgelopen financiële schade.

Zo'n schadeclaim binnenhalen, is een belangrijke doelstelling van het bureau. Paul: "Al tien jaar was ik binnen de vakbeweging bezig met preventie van arbeidsrisico's en beroepsziekten. Maar veel schot zat daar niet in. Ondertussen verslechterde de WAO en gingen mensen er financieel fors op achteruit. Met het Bureau Beroepsziekten zijn we een andere, aanvullende weg ingeslagen. Met claims willen we de financiële schade verhalen. Bovendien geven we slechte arbeidsomstandigheden een gezicht. Daarmee laat je ook de mensen zien die een beroepsziekte en daarmee veel sociaal leed hebben opgelopen. Een derde overweging was dat in de jurisprudentie de bewijslast ten gunste van de werknemer werd omgedraaid. Dit bij elkaar genomen zou op termijn tot een preventieve werking moeten leiden."

Schadeclaims

Opgericht door de FNV, FNV Bondgenoten en FNV Bouw begon het BBZ met een bezetting van drie mensen die inmiddels is uitgegroeid tot elf; door het grote aanbod van werk zal het daar niet bij blijven. Voorheen konden vakbondsleden al terecht bij Ledenservice, maar door onvoldoende specialisatie was dat een dure aangelegenheid. Nu wordt gewerkt volgens het systeem van 'no cure, no pay'; geen verhaal van schade, geen kosten. Komt de schadeloosstelling binnen, kost het de leden van de twee genoemde bonden 11 procent van het verhaalde bedrag - anderen betalen 22 procent.

Zijn er na een jaar al resultaten te melden?

Paul: "Nog geen succesvolle claims, wel twee werkgevers die hun aansprakelijkheid hebben erkend. Bij de werkgeversorganisatie VNO-NCW merk je dat ze het geen erg leuk idee vinden wat we doen. Maar ze kunnen ook niet zeggen dat het niet kan en leggen zich er kennelijk bij neer dat slechte werkgevers dan maar moeten bloeden. Tegelijkertijd maken ze hun leden duidelijk dat het heel vervelend is als hun naam openbaar gemaakt wordt vanwege slechte arbeidsomstandigheden."

De veronderstelling is dus dat werkgevers gevoelig zijn voor beschadiging van hun naam en/of merk en de kosten van schadeclaims en dat zij onder deze dreiging de arbeidsomstandigheden zullen verbeteren. Gegeven de 'claimcultuur' in de Verenigde Staten zou dat betekenen dat daar de arbeidsomstandigheden permanent verbeterd worden.

Paul: "Nee, dat is niet zo. Die zogenaamde claimcultuur zit dan ook anders in elkaar. Amerikaanse arbeiders kunnen niet claimen. Die hoge claims waar iedereen altijd over praat, komen alleen maar voor bij consumenten, bij afnemers van diensten, bij verkeersongevallen, bij medische fouten. In Amerika is het aan een werknemer verboden een werkgever aan te klagen. Er is daar een wet die vergelijkbaar is met onze WAO. Krijg je een uitkering volgens die wet, dan is civiele aansprakelijkheid uitgesloten. Asbestclaims bijvoorbeeld worden ingediend door bewoners, bij veronderstelde radioactieve straling kunnen omwonenden claimen. Werknemers echter niet. Ook in Nederland is er sprake van geweest om een dergelijke wetsregel in te voeren. Dat is niet gelukt en daarom kunnen we met ons bureau namens werknemers aan de slag."

Risicogebied

Niet zo lang geleden bestonden er onder andere binnen de vakbeweging hoge verwachtingen van de Arbo-wet. Op werkgevers rust namelijk de wettelijke plicht om schade aan de gezondheid van hun werknemers te voorkomen. Regelmatig zou onderzocht en geëvalueerd worden of ze dat deden. Het lijkt er veel op dat met de oprichting van het Bureau Beroepsziekten het faillissement over de Arbo-wet en het hele uitvoerende en controlerende circus is uitgesproken.

Paul: "Er zijn duizenden mensen bezig met arbeidsomstandigheden, maar niet met de werkplek, de arbeidsplaats. Specialisten en professionals hebben een groot schild rond de concrete arbeidsverrichtingen opgetrokken. Daarmee en met elkaar zijn ze druk doende. Ik durf de stelling aan dat in deze wereld met Enschede of Volendam te vergelijken toestanden heersen. Er zijn regels genoeg, maar ze zijn onvoldoende op de bedrijfsrealiteit toegesneden en de naleving wordt slapjes gecontroleerd. De arbeidsinspectie komt niet meer kijken op de werkvloer. De arbeidsplaats is een groot risicogebied, één op de drie mensen in de WAO zit daar vanwege een beroepsziekte. Van werken blijk je ziek te worden. Het zou wel eens zo kunnen worden dat het in de toekomst claims gaat regenen. Wordt pas daarna de paraplu in dit polderland opgezet?"

Verzekeringsbedrijven

Of is het toch zo dat werkgevers niet wakker liggen van een schadeclaim en het risico al lang hebben doorgeschoven naar verzekeringsbedrijven?

Paul: "Maar die verzekeringsmaatschappijen liggen van dat doorschuiven wel wakker. Heel wat van die maatschappijen zijn met Arbo-diensten in zee gegaan. Sommige hebben vol optimisme veel geld in die diensten geïnvesteerd en dachten samenwerkend een veel betere controle te kunnen uitoefenen dan de arbeidsinspectie. Dat is vies tegengevallen, zie de cijfers van het ziekteverzuim en de WAO.

Andere verzekeringsbedrijven hadden alleen de kennis van de Arbo-diensten nodig om de risico's te kunnen taxeren. Was bekend dat een bedrijf boven of onder de norm zat van wat als geaccepteerde arbeidsomstandigheden gezien werd, kon daarop de premie afgestemd worden. De hoogte van de schade maakte dan niet veel uit, als die schade maar te berekenen viel en in de premie verwerkt. De enkele claim die dan nog kwam, namen ze op de koop toe. Maar als wij er voor kunnen zorgen dat het claims gaat regenen, ja dan wordt het een ander verhaal. Bovendien is in 1997 de wetgeving veranderd en ligt de aansprakelijkheid bij de werkgever, tenzij bewuste roekeloosheid of opzet van de werknemer aangetoond kan worden.

De verzekeraars houden er dan ook rekening mee, zeker nu de sociale zekerheid wordt uitgehold, dat de schadelast de komende jaren fors zal stijgen. En dus de claims hoger zullen worden. Hun meest voorzichtige schatting ligt rond de tweehonderd miljoen gulden, maar het zou ook wel drie keer zo veel kunnen zijn. Deze 'zorg' zullen ze aan de werkgevers doorberekenen en dat zou wel eens kunnen betekenen dat die werkgevers heel gevoelig worden voor schadeclaims en voor werknemers positieve aanpassingen aanbrengen in de arbeidsomstandigheden.

Een andere beweging bij de verzekeringsmaatschappijen is de invoering van een verzekering voor beroepsziekte, voorzien van standaard schadebedragen. Op die manier proberen ze controle te kunnen uitoefenen, nu beschouwen ze zich als overgeleverd aan de rechter. En vergeet niet dat de claims hoger zullen zijn dan vroeger. De schade zal worden berekend op de jaren van inkomstenverlies, premieverlies, ziektekosten, immateriële schade, enzovoort. Ik hoor nu al werkgevers terugverlangen naar de goeie ouwe tijd van de WAO."

Ton Dijkstra

website Bureau Beroepsziekten: http://www.bbzfnv.nl