Welkom
Ingezonden
Solidariteit "ingezonden"

Driehonderdvijftig jaar verzwegen geschiedenis

De Nederlandse staat als opiumhandelaar

Maurice Ferares

Het is onvoorstelbaar maar waar dat de Nederlandse staat driehonderdvijftig jaar in IndonesiŽ opium produceerde en verhandelde en met de opbrengst van die handel de koloniale onderdrukking financierde. Het is niet minder onbegrijpelijk dat die feiten in Nederland niet algemeen bekend zijn.

In het parlement, vanaf zijn eerste bestaan, is de opiumhandel door de regering al die eeuwen nooit een punt van bespreking geweest. Het is niet aannemelijk dat de leden van de regeringen niet op de hoogte waren van de drugsinkomsten die in de staatskas vloeiden. Nooit heeft een parlementslid aan een minister van FinanciŽn een vraag gesteld over het karakter van die inkomsten. Zouden al die politici, ministers en parlementsleden, niets hebben geweten van de opiumhandel? Wisten ze het wel, dan waren ze allemaal medeplichtig, ook die van de sociaaldemocratische en communistische partijen voor de Tweede Wereldoorlog?

Foto
In de opiumfabriek te Weltevreden worden de tubes in houten doosjes verpakt, Java 1907. Collectie Nationaal Museum van Wereldculturen, Coll.nr. TM-10012185.

Monopolie VOC

Belangrijke politici als Domela Nieuwenhuis, Henk Sneevliet, David Wijnkoop en Louis de Visser moeten van die profijtelijke opiumhandel niet geweten hebben. Ze zouden hun aanklacht hebben uitgesproken. Al die regeringen daarentegen zwegen gedurende 350 jaar als dieven in de nacht over hun megabedrijf. Ook bleef het stil, nadat Ewald Vanvugt in 1985 zijn boek Wettig opium had geschreven,waarin hij gedetailleerd de opiumhandel van de Nederlandse staat blootlegt. De pers wist van niets en geen partij in de Kamers stelde een onderzoek voor. Tijdens een debat in de Tweede Kamer, 2006, zei de toenmalige premier Balkenende wel dat de geest van de Vereenigde Oost-Indische Compagnie (VOC, de opiummonopoliehouder voor de staat) node gemist werd met haar handelsgeest, durf en daadkracht.

Het was niet mis wat er in Nederlands-IndiŽ gebeurde. Jaarlijks importeerde de Nederlandse overheid honderd ton opium, die in een groot aantal officiŽle opiumverkoopkantoren werden verkocht. De ruwe opium werd in India en Turkije gekocht en in IndonesiŽ in een fabriek van de regering tot rookopium verwerkt.1
Deze opiumhandel was ťťn van de vele misdaden die Nederland in IndonesiŽ beging. Hoeveel mensen zullen er slachtoffer van zijn geworden door verslaving en de gevolgen daarvan? Pas door het begin van de Japanse bezetting in 1942 kwam er een eind aan deze misdadige handel van de Nederlandse staat. Nederlandse politici zijn verplicht tegenover het Indonesische volk alsnog een onderzoek in te stellen naar de gang van zaken, ook al is het lang geleden.


1 Ewald Vanvugt, Nederland runde eeuwenlang een drugskartel (en betaalde er zijn oorlogen mee). Java Post, 1 november 2017. Ewald Vanvugt, Wettig Opium. 350 jaar Nederlandse opiumhandel in AziŽ, uitgeverij In de Knipscheer, 1985. (terug)