Kinderarbeid in India

Het kind en de rekening

En dezer dagen zal het Indiase parlement over een nieuwe Wet op de Kinderarbeid stemmen. De Wet is een herziening van de oorspronkelijke wet uit 1986, "The Child Labour (Prohibition and Regulation) Act". Ze is een uitwerking van artikel 24 in de Grondwet dat "gevaarlijke" arbeid van kinderen verbiedt. Let vooral op de titel: het gaat de regering niet om een algeheel verbod op kinderarbeid, maar om het regelen van de voorwaarden.

Kinderarbeid als zodanig is toegestaan, maar bepaalde vormen van arbeid en onderdelen van het arbeidsproces zijn verboden. Welke dat zijn, staat vermeld in een tweetal bijlagen bij de wet. Zo zijn goederen- en personenvervoer door kinderen niet toegestaan, terwijl kinderen wel mogen werken in een vuurwerk- of explosievenfabriek maar alleen op die afdelingen die niet direct te maken hebben met de productie. Kinderen mogen dus geen explosieven in elkaar zetten, maar wel werken op de verpakkingslijn.

Minste van twee kwaden

Een totaalverbod op kinderarbeid is volgens de Indiase regering niet haalbaar. Officieus omdat de wankele economie niet zonder deze goedkope krachten kan. Officieel, omdat veel gezinnen nu eenmaal afhankelijk zijn van van het inkomen van kinderen. Dit laatste wordt onderschreven door de meerderheid van mensenrechtenactivisten in het land. Men vreest dat een algeheel verbod het fenomeen alleen maar ondergronds zal drijven, waardoor controle nog moeilijker wordt. Dan maar de minste van twee kwaden.

Kinderarbeid is hier nooit een politiek heet hangijzer geweest. Ook deze herziening dreigde geruisloos te verlopen in het politieke luwe Indiase zomerseizoen. Weinig kinderarbeidszaken halen het Hooggerechtshof. De arresten gaan meestal over de definitie van 'kind' (een persoon niet ouder dan veertien jaar) en het type arbeid dat al dan niet is toegestaan.
Een mijpaal werd bereikt met het arrest "M.C. Mehta/Staat Tamil Nadu" uit 1997. Juist in een periode waarin de regering de roep van mensenrechtenactivisten om een verbeterde Kinderarbeidswet openlijk negeerde - "alles is veilig" - explodeerde een vuurwerkfabriek in de Zuid-Indiase staat Tamil Nadu. In strijd met de wet bleken veel kinderen direct betrokken bij het productieproces. Een groot aantal raakte gewond of vond de dood tijdens het incident. De werkgever wees elke aansprakelijkheid van de hand en zo ook de overheid die nagelaten had effectief te controleren.

De Supreme Court oordeelde anders. In ongekend felle bewoordingen legde ze uit wat de verplichtingen van werkgevers en overheid ten opzichte van kind-werknemers zijn. De werkgever diende alle schade door de kinderen geleden te vergoeden en een bedrag te storten in een nieuw op te richten Rehabilitatiefonds. Hieruit kan het kind onder andere zijn schoolopleiding betalen. Het kind mag niet meer werken en in zijn plaats moet de werkgever een familielid aannemen, zodat het gezin de inkomsten van het kind niet hoeft te missen.
Aan de overheid werden heldere richtlijnen verstrekt met betrekking tot de bescherming van kinderen in het arbeidsproces.

Deze uitspraak werd neergelegd in een herziening van de wet in 2002. Niettemin bevat deze aanpassing zo'n groot aantal onduidelijkheden en tegenstrijdigheden met nationale en internationale regelgeving op het gebied van kinderrechten, dat herziening wederom noodzakelijk is. Mensenrechtenactivisten en juristen pleiten voor aanpassing op de volgende punten:

  • De leeftijd van het kind loopt in de Wet op de Kinderarbeid tot veertien jaar, terwijl het in de meeste wetten en verdragen op dit terrein achttien is.
  • De lijst van voor kinderen verboden beroepen moet worden uitgebreid.
  • In de wet moet speciale aandacht worden besteeds aan kinderen met specifieke problemen, zoals lichamelijk en verstandelijk gehandicapten en kinderen die getraumatiseerd zijn door sexueel misbruik en/of ingezet door prostitutienetwerken.
  • De controle op naleving van de wet moet worden verbeterd. Er wordt in de wet een Commissie van Toezicht genoemd, waarvan de bevoegdheden en vereiste kwalificaties van de leden onduidelijk zijn.
  • Verbeterd toezicht op storting en vooral uitgaven van gelden in het Rehabilitatie Fonds.

Met deze en andere aanbevelingen zal de mensenrechtenlobby de regering gaan bestoken om tot een heldere Wet op de Kinderarbeid te komen. Zodat voor eens en voor altijd duidelijk wordt wie het kind is (tot veerien of achttien jaar?), waar het mag werken en voor wie - bij overtreding - de rekening is. Het kan een hete zomer worden.

Belisi