welkom
extra
Solidariteit

Project "Door kritiek nieuwe perspectieven ontwikkelen"

Arbeid en Technologie 4 - De reële onderschikking van de arbeid 1

Sjarrel Massop

Powerpoint Tendens Dalende Winstvoet

In Marx' denken over de ontwikkeling van het kapitalisme als politiek-economisch systeem in relatie tot de technologie spelen twee elementen. Eén, de geweldige sprongen van het constante kapitaal die uiteindelijk leiden tot wat Marx de tendentiële daling van de winstvoet noemde; daarover een volgende keer. Twee, de doorwerking van de technologie op de arbeid die Marx in zijn manuscripten van 1861-1863 omschreef als de ontwikkeling van de formele naar de reële onderschikking van de arbeid onder het kapitaal; het thema van vandaag.

Het bepalende aspect van de reële onderschikking van de arbeid is de dominantie van het constante kapitaal, vooral de machinerie, over het variabele kapitaal, de levende arbeid. Marx sprak overigens nooit over dode arbeid, hij heeft het altijd over vergegenständlichte Arbeit, te vertalen als geobjectiveerde arbeid. De mens is in zijn of haar handelen de schepper van de machinerie. De arbeid wordt een ding, een waar, een machine, een object. Deze machinerie neemt zo'n vlucht dat de handelende mens uiteindelijk een verlengstuk van de machine wordt. Dit in tegenstelling tot de eerdere werktuigen die in het arbeidsproces instrumenten waren voor de werkende mens, zoals hamers, zagen, scheppen, ploegen, tilliften, enzovoort. Alle invoering van technologie is voor het kapitaal pas dan aantrekkelijk, wanneer het in zijn geheel (constant en variabel) beter rendeert. Dat wil zeggen dat er meer producten uit het productieproces voortkomen, dus dat de arbeidsproductiviteit stijgt.

Kwantitatief

Die stijging betekent dat er per eenheid product, minder arbeid of arbeidstijd nodig is om een bepaald productieniveau te halen. Een eenvoudig voorbeeld. Bij het ophalen van de vuilniszakken zijn pakweg drie arbeiders nodig. Eén chauffeur en twee mensen die de zakken oprapen en in de wagen gooien. Met de vernieuwde vrachtauto's en de kliko’s is de chauffeur voldoende om dezelfde hoeveelheid vuilnis op te halen. Nog een paar alledaagse voorbeelden: de automatische kassa in de supermarkt, de kaartverkoop, de elektronische post. Dat wil zeggen: er is veel minder arbeid nodig om een bepaald productieniveau te halen; een verschijnsel dat zich voordoet in alle sectoren van de economie. Landarbeiders zijn massaal vervangen door landbouwmachines. Ook in de zorg, de dienstverlening en het onderwijs verdringen de machines de arbeid steeds meer.
Er is nog een andere vorm van techniek die het mogelijk maakt om veel arbeid te vervangen. Namelijk de wijze waarop de arbeid in technieken of strategieën door het management georganiseerd wordt. Een tot vervelends toe gehoorde uitspraak van een vroegere directeur is tekenend: we moeten het werk doen met niet meer mensen dan strikt noodzakelijk. Hij predikte de magere (lean) productie en verheerlijkte de taakintegratie. Dat betekent dat door de beschikbare machinerie een bedieningsman/vrouw tijd over heeft ook andere taken te doen, zoals onderhoud. Dat scheelt bankwerkers die bovendien ook nog eens productietaken kunnen krijgen.
Ook in de verticale lijn is besparing van personeel mogelijk. Zo worden taken als kwaliteitscontrole en toezicht in het werk opgenomen en ontstaan 'zelfsturende' teams in 'platte' organisaties. Dit is vooral mogelijk, doordat de machine veel uitvoerende taken van de arbeiders overneemt.

Het kapitaal redeneert altijd dat het verlies aan arbeid gecompenseerd wordt, doordat in de fabricage van de machinerie meer arbeid zou ontstaan. Een tweevoudige drogreden. 1) De verhouding is helemaal scheef, het verlies aan arbeidsplaatsen in de productie staat in geen verhouding tot het ontstaan van nieuwe in de machinebouw en het ontwerp van managementstrategieën. 2) Ook deze activiteiten zijn aan een verdere mechanisering en automatisering onderhevig.

Cartoon Marx verbreekt ketens arbeiders gevangen in machine

Kwalitatief

Marx beschreef al dat machines niet alleen sneller werken, maar ook nauwkeuriger. De vaardigheid van een spinner, hoe vakkundig hij of zij ook is, staat in geen verhouding tot de machine die heel precies afgesteld kan worden. De plaatsing van zuigers en cilinders in motoren luistert erg nauw en is voor een bankwerker niet of nauwelijks te overtroeven.

Vooral Harry Braverman heeft aan dit verschijnsel veel aandacht besteed. 2 Hier in het kort zijn redenering. Veel arbeid in arbeidsprocessen wordt gestandaardiseerd. Het vakmanschap gaat verloren. Dit komt door de rigide arbeidsdeling, met de lopende band als het voorbeeld. Deze arbeidsdeling is het gevolg van de opvattingen van Taylor en Ford om de arbeid, vanwege de effectiviteit, zoveel mogelijk te vereenvoudigen tot snelle repeterende handelingen. Weliswaar is de techniek beter in staat complexe taken uit te voeren, waarmee echter de arbeid en zeker de vaklieden worden teruggedrongen. Het gevolg is dat de arbeidstaken veel beter uitwisselbaar zijn en niet meer afhankelijk van de deskundigheid, kennis en vaardigheid van de afzonderlijke arbeid(st)er die zo een verlengstuk van de machine wordt.

Flexibilisering en precarisering

Waar onder de formele onderschikking de arbeid nog een vooraanstaande rol speelt in het arbeidsproces, neemt deze door de ontwikkeling van de techniek drastisch af. Onder de reële onderschikking veranderen ook de arbeidsverhoudingen tussen kapitaal en arbeid. Dat is een verandering die geleidelijk is voltrokken, een proces dat zich ook in deze tijd manifesteert.
Lange tijd, ook na de komst van de reële onderschikking, is het mogelijk geweest dat de factor arbeid op grond van zijn noodzakelijkheid aanvaardbare arbeidsvoorwaarden kon afdwingen. Zoals een volwaardig loon, een vaste baan, leefbare secundaire arbeidsvoorwaarden, een sociale bescherming tegen ziekte of arbeidsongeschiktheid en een voorziening (pensioen) voor de oude dag.

Die verhoudingen zijn drastisch aan het veranderen. De arbeid is minder en minder nodig en kan door de gestandaardiseerde productieprocessen vergaand geflexibiliseerd worden. Werd voorheen als vanzelfsprekend beschouwd dat de arbeid goede voorwaarden kon afdwingen, zowel in individuele als collectieve arbeidsovereenkomsten, die tijd is voorbij. Arbeid wordt meer en meer verricht in 'losse' verhoudingen, wordt flexibel gemaakt.
Ook de secundaire arbeidsvoorwaarden verslechteren in een hoog tempo. De sociale zekerheid die afgedwongen kon worden, verdwijnt. De arbeidsongeschiktheidswet is verslechterd, de ziektewet is afgeschaft, de flexwet biedt slechts bestaansonzekerheid en de laatste tijd wordt stevig gesleuteld aan de AOW en de pensioenen. De situatie van de arbeid wordt precair. Een proces dat Marx 150 geleden benoemde als de ontwikkeling naar een reële onderschikking van de arbeid onder het kapitaal.

Zero Rights: the new taste of Coca-Cola Amatil

1 Karl Marx, Zur Kritik der politischen Ökonomie, Manuskript 1861-1863 https://www.marxists.org/nederlands/marx-engels/1861/manuscripten/index.htm
Arbeid en Technologie wordt door Marx in de manuscripten behandeld aan het eind van deel 1 en vervolgens in deel 6. (terug)
2 Harry Braverman, Labor and Monopoly Capital, the Degradation of Work in the Twentieth Century, New York, oorspronkelijk 1974, Zie ook: extra 44: 25 juni 2006; extra 290-4: 29 november 2015; extra 298-3: april 2016). (terug)