welkom
extra
Solidariteit

Opstand bedrogen jeugd middenklasse

De tent Intifada in Israël

Yacov Ben Efrat 1

Het zou in September gebeuren. Al maanden waren er waarschuwingen voor een politieke Tsunami, nadat de Palestijnen hun verzoek bij de Verenigde Naties voor een eigen staat bekendmaakten. Het Israëlische volk was op de hoogte gesteld, de mediacampagne stond in een hoge versnelling, geselecteerde legeronderdelen trainden voor gewelddadige opstanden in Ramallah en Nablus.

Alles ter voorbereiding... Het nieuwe IJzeren Schild als bescherming tegen raketten was uitgebreid over de zuidelijke steden. Kranten en de televisie melkten het thema tot walgens toe uit. Dat is de formule van de regering om bezorgde kijkers hun angsten te doen vergeten. Angst prent gehoorzaamheid in.

Racistische wetten

Een intifada is inderdaad uitgebroken, maar niet op het tijdstip of de plaats die verwacht werd. Wederom, zoals met de Egyptische Revolutie, zat de inlichtingendienst ernaast. Voor alle duidelijkheid, de Israëlische Inlichtingendienst onderzoekt in Egypte niet de publieke opinie en is niet gevoelig voor de ondergrondse bestaande woede. Maar wat een verrassing! Ook in Israël heeft onze veiligheidsdienst de woede gemist. Het voelde raar om te zien dat onder de neus van de dienst, in het centrum van Tel Aviv, een paar meter van het defensiehoofdkwartier, een massabeweging zou ontstaan die het land zou opschudden.

150.000 demonstranten over het hele land Tel Aviv, 30 juli 2011 - "We eisen sociale rechtvaardigheid!", 150.000 demonstranten over het hele land

Het is waar dat het niet de taak van de Inlichtingendienst is om protestbewegingen te bespioneren, maar de overheid wordt verondersteld gevoelig te zijn voor de publieke stemmingen en wensen. Wat hier gebeurde, is dat het onafgebroken geluid van de rechtervleugel in de Knesset en de defaitistische stilte van de oppositie, gehoorafwijkingen bij de regering veroorzaakten. Het Likoed lid Ze'ev Elkin, afgeschilderd als de held van het volk, straalde precies een week voor de tentprotesten op de voorpagina van het weekendmagazine Yediot Aharonot, onze best verkopende krant. Elkin, een Russische immigrant die in de nederzetting Kfar Eldad op de Westbank woont, maakt deel uit van de regeringscoalitie. Hij en Yisrael Beitenu, van de partij van Avigdor Lieberman, hebben een merkwaardige agenda opgesteld, waarvan het enige doel is de Arabische minderheid uit te sluiten van de politieke arena, dus van elke arena.
De huidige Knesset is geobsedeerd door de invoering van 'populistische', racistische wetten. Netanyuahu en Lieberman hebben gewedijverd om de titel van Mister Rechts. Het resultaat is een stortvloed van wetten: de wet tegen het onderzoek van de nakba (de Palestijnse catastrofe van 1948), de wet tegen Hanin Zoabi (het Arabische parlementslid dat zich aansloot bij de Gazavloot), de loyaliteitswet, de wet op het burgerschap, de wet op de Fondswerving ter Controle van Non Profit steun aan het Terrorisme, en nu dan de wet tegen eenieder die oproept tot een boycot.

Bibi Netanyahu is natuurlijk bezig geweest zijn coalitie op de been te houden door de hartenwens van elke groep te vervullen. De beste manier om herverkiezing te verzekeren, is immers simpelweg niets doen, laat de parlementsleden elkaar vermaken met racistische wetgeving en laat elke dag het toneel aan de meest spookachtige types voor één of ander nieuwe gimmick. Waar het de vrede betreft, grijpt hij elke gelegenheid aan om uitspraken tegen Mahmoud Abbas (Abu Mazen) te doen die - gegeven het uitblijven van een overeenkomst - van plan is in september naar de Verenigde Naties te gaan. Het volk van Israël is gevraagd de gedachte te aanvaarden dat de openingszet bij de Verenigde Naties een bedreiging is voor de bestaanszekerheid; een noodlottig besluit, waarvoor Netanyahu echter geen verantwoordelijkheid zou dragen.

Geest uit de fles

Attentie! Op de 14e juli (Ja, de Dag van de Bastille) zonder voorafgaande waarschuwing, toen de Israëlische economie veel stabieler was dan die van Griekenland of Spanje brak de dam van gehoorzaamheid. Een groep jonge mensen die zich had georganiseerd via Facebook, besloot tenten op te zetten op de Rothschild Boulevard, een straat met sommige van de beste architectonische attracties van Tel-Aviv en in de recente jaren uitgegroeid tot een symbool van de onmogelijke huizenprijzen. Het 'insect' had zich verspreid van het Tahrirplein in Cairo naar Del Sol in Madrid en was nu geland in Tel Aviv. De in Cairo opgeworpen slogan "Sociale Rechtvaardigheid!" werd de hoofdslogan in Israël. Daphne Leef - de Israëlische Wael Ghanim - zette een tent op en schreeuwde "De Keizer is naakt!". Binnen een week kwam er een spetterend aantal tenten naast staan en binnen twee weken had de idee zich verspreid over een dozijn steden. Spoedig was duidelijk dat de kwestie niet slechts een gebrek aan huisvesting was. Dit was een protest tegen de gehele economie, een hele sociale klasse was aan het marcheren, de Israëlische middenklasse die in het afgelopen decennium droomde een huis te bezitten, een degelijke baan en opleiding en een gezin groot te brengen... alles verdween in de verte van 'nooit-nooit' land.

Rothschild Boulevard, Tel Aviv, Juli 2011 Rothschild Boulevard, Tel Aviv, Juli 2011. Geschreven op de bank "Revolutie!", op de tent rechts "Kapperswinkel"

Op 23 juli marcheerden tienduizenden, op 30 juli waren het er 150.000. Zonder politieke partijen, zonder bekende omkoopbare leiders. Dit protest doet het land op zijn grondvesten schudden. Netanyahu is wanhopig. Hij ziet zijn 'werk' van tweeëneenhalf jaar in een afvalput verdwijnen. Op 26 juli steunde een nooit vertoonde 87 procent de demonstranten. Bibi's steun daalde van 51 (twee maanden geleden, na zijn toespraak voor het Congres van de Verenigde Staten) naar 32 procent.

Deze Israëlische middenklasse is niet gevestigd op de nederzettingen. Ze is niet ultra orthodox. Voor het grootste gedeelte gaat het ook niet om Mizrahi (Arabische joden) noch Russisch. En voor alle zekerheid; ze zijn niet Arabisch. Dit is de stille meerderheid die in het leger dient, de reservistenplicht vervult, werkt, belasting betaalt en ontdekt dat het politieke establishment hen verraden heeft ten faveure van twee uiterste sectoren van de economische landkaart. Aan de ene kant staan de tyconen en hun kroonprinsen die de economie runnen voor de winsten. Hen iets in de weg leggen, zou heiligschennis zijn tegen de onzichtbare hand van hun god, de vrije markt. Aan de andere kant staan de ultra orthodoxen die in het belang van hun god niet in het leger dienen, niet werken en dus geen belasting betalen, maar die in de regering 'dienen' en zo het lot van ons allen beïnvloeden vanuit hun positie als georganiseerde, electorale rechtervleugel.

Staat van de rijken

Tot nog toe overheerste de indruk dat de publieke opinie sterk naar rechts hing. De verkiezingsresultaten bevestigden dat. De Russen zijn natuurlijk van de rechtervleugel, net als de Mizrahis, een deel van de Ashkenazi middenklasse haat de Arabieren. Peilingen onder de jongeren laten duidelijk zien dat de meesten de Arabieren hun rechten zouden willen ontnemen. Het leek erop dat de regering niets meer moest doen dan de 'natuurlijke' tendens cultiveren.
Maar de patriottistische delen van Israël worden zich langzaam bewust van het feit dat hun nationalistische leiders het land hebben verkocht. De Israëlische autoriteiten verkopen grond aan de grote constructiebedrijven die voor de rijken bouwen. Wat de winsten betreft, waar investeren zij die? In Florida, Moskou en Boedapest, om niet te spreken van de luxueuze hotels in Manhattan.
Onze natuurlijke gasreserves zijn aan de rijken geschonken, samen met alle fabrieken en bedrijven die eens aan de staat behoorden, dat wil zeggen 'aan ons allen'. Hetzelfde geldt voor de private bedrijven die waren gevoed met staatsleningen en fondsen, dat wil zeggen 'door ons allen', zijn verkocht aan buitenstaanders die ze met één pennenstreek kunnen verplaatsen naar elders, evenals de winsten. Iscar Metalworking, bijvoorbeeld, ging naar de 'Zionist' Warren Buffet. Elk enorm hightech bedrijf zoekt een snelle verkoop aan een multinational. De Joodse staat is getransformeerd in een staat voor de NV Rijken die niet Joods of Arabisch is, maar contanten telt. In het proces waarin de staat van de Joden de staat van de rijken werd, zijn de regels veranderd.
Het volk van Israël houdt van het land, maar het land behoort de bevolking niet langer toe. Zestig jaar geleden is het afgepakt van de Arabieren en de laatste twintig jaar is het belastingvrij overgedragen aan de tyconen. De Arabieren zijn vluchtelingen geworden, de Joden sukkels. Pas nu hebben ze de regels van het spel ontdekt dat hen geruïneerd heeft.

Bibi staat onder druk, omdat hij een kluif gegooid heeft naar de tentdemonstranten. Hij biedt haalbare huisvesting aan, gesubsidieerd openbaar vervoer en slaapplaatsen voor studenten, maar zij roepen naar hem vanaf de straten "Geef ons de welvaartstaat terug!". Bibi zet zijn schouders eronder en zweet, maar hij heeft geen antwoorden. Waarom niet? Omdat het land al geprivatiseerd is en hij het niet in handen heeft. Het is bezit van twintig families. Er is niets over om aan de middenklasse te geven.

Protest of revolutie

De burgers van Israël naderen een beslissend moment. Plotseling staat alles ter discussie, niet alleen de prijs van de huizen, maar ook van de kinderopvang, van het gas, van voedsel, van alles. Protest is een belangrijke stap in het ontwaken uit de dogmatische sluimering. Maar aan het einde van de dag staat de middenklasse voor een moeilijke keuze: stoppen op het punt van het protest of overgaan tot de revolutie. De afstand tussen het Tahrirplein in Cairo end Ha-Bima plein in Tel Aviv is groot.
De Egyptische jeugd heeft een dictator omvergeworpen en strijdt nu voor de vestiging van een nieuw regime. In Egypte is er nauwelijks iets om te verdelen, terwijl op het Ha-Bima plein de jeugd haar deel opeist van de substantiële sociale welvaart. De Egyptische jeugd waagt haar leven voor de zaak van de vrijheid, terwijl de Israëlische jeugd wordt ontvangen (voor nu tenminste) met omhelzingen en solidariteit. Het probleem is dat de revolutie meer vraagt dan sociale rechtvaardigheid, namelijk een ideologische verandering. En niet alleen in de economische orde (waarover al een nieuwe consensus is) maar ook op het terrein van de burgerrechten, sociale gelijkheid en boven alles staat de kwestie van de bezetting en de overheersing van het Palestijnse volk.

Tel Aviv, 30 juli, 2011 Tel Aviv, 30 juli, 2011 - "Wat is het antwoord op de privatisering? Re-vo-lu-tie!"

Als de middenklasse een fundamentele verandering in prioriteiten nastreeft, dan moet het uit de provincie van Tel Aviv stappen en kijken naar het noorden en het zuiden, waar de lonen niet de belastingdrempel halen. De mensen die dat verdienen zijn de handarbeiders. Zij werken onder miserabele arbeidsvoorwaarden in fabrieken, constructiewerken, landbouw, steengroeven en het transport. Voor hen is het minimumloon het maximum waarop ze kunnen hopen. Een achturige werkdag brengt niet genoeg om hun families te onderhouden. Omdat ze niet georganiseerd zijn, doen de bedrijven met hen wat ze willen. Dit zijn de arbeiders die de economie kunnen stopzetten. Zij zijn degenen die een sociale verandering kunnen brengen door revolutie. Zij hoeven niet te wachten op de politici voor de oplossing van hun problemen. Zij kunnen de verandering teweegbrengen met precies dezelfde handen waarmee ze elke dag de welvaart produceren die in de zakken van de rijken vloeit.

Israël is aangekomen op een kruispunt. Vragen over leven of dood dienen zich aan. Zijn onze intenties gericht richting op vrede of op een eindeloze oorlog? Op een egalitaire staat met sociale rechtvaardigheid of op 'de vrije hand van de markt' die ons elke morgen in het gezicht slaat als we opstaan om naar ons werk te gaan? De politici, de Knesset en de partijen hebben allemaal gefaald. Het is daarom een verplichting voor iedereen die er vandaag op uitgaat om te protesteren om na te denken over een politiek alternatief. Een alternatief dat rechtvaardig protest zal vertalen in een nieuw sociaal handvest. Als we in plaats daarvan doorgaan met te zwalken tussen de voorkeuren van Benjamin Netanyahu en Tzipi Livni (leider in de Knesset van de partij van het midden, Kadima) dan zullen we ons wentelen in hetzelfde oude moeras dat onze toekomst wegzuigt.


1 Oorspronkelijke titel "The Tent Intifida", in Challenge - A Magazine Covering the Israeli-Palestinian Conflict, 2 augustus 2011 - www.challenge-mag.com - vertaling/bewerking: Sjarrel Massop, foto's: Dotan Goor-Arye. (terug)