welkom
extra
Solidariteit

Overpeinzingen bij een biografie

Het internationaal socialisme na Ernest Mandel

Sjarrel Massop

Het idee van het revolutionaire internationalisme heeft in de socialistische beweging een lange geschiedenis. Het begon met Marx en Engels die in het Communistisch Manifest hun fameuze oproep "Proletariërs aller landen verenigt U!!" lanceerden. Ze probeerden de socialistische beweging te leiden in een internationale richting.
Wat mij betreft, is dit internationalisme weer onder de aandacht gebracht door de biografie die Jan Willem Stutje schreef over Ernest Mandel.1 De Vlaming die vijftig jaar lang een vooraanstaande rol gespeeld heeft in de Vierde Internationale.

In 1864 hielpen Marx en Engels de Eerste Internationale te organiseren. Met als taak de revolutionaire strijd internationaal te coördineren. Hoewel deze organisatie niet in staat bleek te overleven en in 1870 ontbonden werd, was daarmee het internationale doel niet verlaten. In 1889, Engels leefde nog, kwam de Tweede Internationale tot stand, toegewijd tot dezelfde ideeën. Terwijl veel van de nationale secties getalsmatig vrij sterk groeiden, kwamen ze geleidelijk onder bureaucratische leiding en in handen van een politiek conservatisme. Een proces dat zijn ontknoping bereikte bij het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. De meeste van deze sociaal-democratische partijen steunden hun regeringen in de oorlog, waarmee het internationalisme verraden werd.2

Drie internationales

Van de revolutionaire socialistische tegenstanders waren de bolsjewiki het meest onverzoenlijk en standvastig. Ze verklaarden de Tweede Internationale dood en riepen op tot de stichting van een nieuwe: de Derde Internationale. Deze kwam echter pas van de grond, toen de Russische revolutie voldoende krachten organiseerde voor het bolsjewistische standpunt.
De Derde Internationale is opgericht in 1919. Met de autoriteit van de Russische Revolutie in de rug, werd ze de onbetwiste organisatie van revolutionair socialisten over de gehele wereld. De eerste vier congressen leidden tot historische resultaten van een krachtdadig internationaal leiderschap. De bolsjewiki hielpen dit proces, gedragen door hun leidende positie in de wereld vanwege de Russische Revolutie. Maar zij waren in geen enkel opzicht de enige en onbesproken revolutionaire autoriteit en probeerden nooit op een kunstmatige manier hun ideeën op te leggen aan andere communistische partijen. Waar hun inzichten steun vonden, was dat het resultaat van democratische discussie en scherpe debatten en niet van bureaucratische manipulatie. Echter tijdens het vijfde congres in 1924, toen Lenin al dood was, had de strijd om zijn opvolging een zware tol geëist. De stalinistische bureaucratie kwam aan de macht.3

De drie internationales hadden de volgende kenmerken gemeen. Ten eerste kwamen ze tot stand tijdens of vlak na een grote opleving van revolutionaire arbeidersstrijd met een sterk perspectief tot wereldwijde uitbreiding van het revolutionaire elan. Ten tweede werden ze internationaal breed gedragen, gesteund door sterke nationale secties en organisaties die diep geworteld waren in de arbeidersklasse. Er was een groot optimisme voor de naderende socialistische wereldrevolutie. Ten derde zijn ze van binnenuit vernietigd, respectievelijk door anarchisten, sociaal-democraten en bureaucraten.

Vierde Internationale

In 1938 werd de Vierde Internationale opgericht. Een wereldpartij gebaseerd op het gedachtegoed van Leon Trotski, naast Lenin de architect van de Russische Revolutie en de bestrijder van de stalinistische bureaucratie die de Derde Internationale geïnfecteerd had. Het programma, bekend als het 'overgangsprogramma', was nog geschreven door Trotski. Twee jaar later werd hij door de geheime politie van Stalin in Mexico vermoord.
De Vierde Internationale verschilde van haar voorgangers. Ze was niet gebaseerd op een sterk revolutionair perspectief, maar veeleer op de grote (overspannen) verwachting dat het kapitalisme echt op de laatste benen liep en de wereldrevolutie aanstaande was. Bovendien wortelde ze niet diep in de arbeidersklasse en werd ze niet gedragen door een sterk revolutionair proletariaat. En tenslotte viel ze niet ten prooi aan een intern verraad, maar gleed ze mee in de afgrond van het verloren gegaan, socialistische perspectief. Of is er nog hoop?

De centrale figuur in de Vierde Internationale is Ernest Mandel geweest. Hij streed meer dan een halve eeuw voor het aantrekkelijke, socialistische, humane perspectief en leek bij tijd en wijle het gelijk aan zijn kant te krijgen. Zeker aan het einde van de jaren zestig en met de revoluties in Cuba en Zuid-Amerika. Maar
Mandel schreef in 1990 een essay over de toekomst van het socialisme, Jan Willem Stutje citeert daar uit: "De crisis van het socialisme is voor alles de crisis van de geloofwaardigheid van het socialistisch project. Vijf generaties socialisten en drie generaties arbeiders waren overtuigd () dat het socialisme mogelijk en noodzakelijk was. De huidige generatie niet meer." Stutje vervolgt: "Een crisis zonder weerga, aldus Mandel, die de ruiters van de Apocalyps in het schijnsel van de oorlogsdreiging, milieuramp, hongersnood en armoede amok zag maken. () Wie kon de zelfdestructie een halt toeroepen? Waar gloorde toekomst? Meer dan een gematigde optimist voelde Mandel zich niet, toen hij als 'the fundamental argument in favour of socialism' [het fundamentele argument ten gunste van het socialisme] betoogde dat 'humankind can not longer endure the costs of aggregate irrationality' [de mensheid niet langer de kosten van de toenemende irrationaliteit kan verdragen]." Een bladzijde verder: "Niet alleen met literaire middelen trachtte Mandel het ideologische en morele vacuüm te vullen, dat het in elkaar stortende stalinisme achterliet. Hij rekende het tot zijn plicht de politieke en organisatorische continuïteit te verzekeren van wat zijn levensvervulling was, de Vierde Internationale."4

Nieuwe Internationale

De Vierde Internationale is nog altijd wat ook de eerste drie in de beginperiode waren, het symbool van daadwerkelijke solidariteit, het geloof in het uiteindelijk zegevieren van het socialisme en het vertrouwen in de verwezenlijking van een humane, socialistische wereldorde. Echter symboliek, geloof en vertrouwen zijn niet voldoende om de politieke hegemonie over het kapitalisme door de arbeidersklasse te bewerkstelligen. Het aanpassingsvermogen van het kapitalisme is veel groter dan menig revolutionair marxist ooit mocht bevroeden en waartegen de meest briljante politieke, wetenschappelijke en economische analyse niet bestand is gebleken.
Toch ligt in het creatieve, humane socialisme de weg die de optimisten in een glorieuze toekomst voor de mensheid in moeten slaan. Het kapitalisme zal niet in staat blijken te zijn de opeenvolgende crises de baas te worden. Integendeel, telkens weer zullen grote delen van de mensheid en de wereld moeten lijden onder het meedogenloze juk van het kapitalisme. Lessen uit de ervaringen van het internationale socialisme zullen betrokken moeten worden in de organisatie van het nieuwe perspectief. Een internationale heeft de offensieve taak de macht naar zich toe te trekken. Daartoe moet ze democratisch zijn en haar worteling hebben in de arbeidersklasse.

Om het kapitalisme van zich af te schudden, zal het nieuwe wereldproletariaat zich opnieuw moeten her/verenigen in een Internationale op basis van een socialistisch programma waaraan de mensen uit de Vierde Internationale en alle anderen die het geloof blijven koesteren in een andere wereld, vanaf nu kunnen en moeten gaan werken.


1 J.W. Stutje, Ernest Mandel, Rebel tussen droom en daad, Antwerpen, 2007. (terug)
2 Ontleend aan: L. Trotski, The Third International after Lenin, New York, 1970 (oorspronkelijke uitgave in 1936).(terug)
3 Idem. (terug)
4 Stutje, pp. 308, 309 (terug)