welkom
extra
Solidariteit

Minder culturele identiteit als dat kan, meer als dat nodig is

Kracht uit verscheidenheid

Lydia Meijerink

Een imam van Marokkaanse afkomst vertelt over rituelen en gebruiken van moslims voor een publiek uit de zorgsector dat steeds meer te maken heeft met moslimpatiënten. Eén van de aanwezigen vraagt of het waar is dat een moslim die nèt overleden is, niet aangeraakt mag worden door een niet-moslim. Zij had dat gehoord, de overledene zou onrein worden en bovendien daalde "het ongeluk" over de hele gemeenschap neer. "En hoe zit het met vrouwen die geen mannen willen wassen, omdat het niet mag van de islam?"

De imam, niet de minste en met een vooraanstaande positie in de Vereniging Imams Nederland, laat weten dat er veel verzinsels zijn, veelal voortkomend uit onzekerheid of onbekendheid. Niet alleen autochtonen weten religie en cultuur moeilijk te scheiden, ook moslims raken daar soms van in de war. Zijn antwoord is eenduidig. Natuurlijk mogen overleden moslims aangeraakt worden door niet-moslims, hoe moet de persoon in kwestie anders 'dood' verklaard worden? Een arts moet zijn werk kunnen doen, evenals een verpleegkundige, een verzorgende, enzovoort.

Christelijk

De theologische verklaring is hier duidelijk. Een arts of verpleegkundige heeft de verantwoordelijkheid voor de zorg, dus mag alles zien van het lichaam, man of vrouw. Aanraken dus ook, je moet je werk kunnen doen. Nood breekt wet, je beroep kunnen uitoefenen gaat vóór. Ook is het toegestaan als moslimverpleegkundige of -verzorgende dat vrouwen mannen wassen (en andersom). De theologie baseert dit op het uitgangspunt dat je iets moet betekenen voor de mensheid en de maatschappij. Het verzorgen, en dus ook het wassen, ligt in het verlengde van het werk. Denken de toehoorders soms dat in Marokko de zorg niet verleend wordt aan een patiënt, als het juiste geslacht even niet voorhanden is? Mannelijke artsen zorgen evengoed voor vrouwelijke patiënten als andersom. Wanneer bijvoorbeeld een patiënt zegt dat iets niet mag, en daardoor de beroepsuitoefening beperkt wordt, kan de verklaring ook gezocht worden in de onzekerheid bij de ander die zich in een kwetsbare situatie bevindt. Aldus de imam.
Uit reacties van de zaal blijken mensen het opmerkelijk te vinden dat er zoveel overeenkomsten zijn met de van oorsprong 'christelijke' waarden en hoe het 'bij ons' gaat. De redeneringen zijn zo logisch. Dan wordt vervolgens gezegd dat deze imam kennelijk 'verlicht' is, een uitzondering, niet iemand die de opvattingen van de imams vertegenwoordigt. Dat hij een belangrijke functie vervult in de Vereniging Imams Nederland, maakt weinig indruk. Het klopt immers niet met het beeld dat bestaat over imams.

Wat is dat voor een mechanisme? Horen we een conservatieve imam, bijvoorbeeld El Moumni in Rotterdam die enige tijd geleden voor opschudding zorgde met zijn bij NOVA vertolkte opvattingen over homo's, dan klopt het beeld dat we hebben. Dat nemen velen direct aan, ook als het flink verdraaid in de media komt. Dus schande, het land uit met deze imam. Hij is niet erg populair bij de overheid, maar trekt wel volle zalen oftewel moskeeën. Geestelijken met doorgaans veel minder aanhang, worden daarentegen door de overheid wel gewaardeerd.

Ontworteling

Hoe gaan we daar mee om, beducht als we zijn voor radicalisering en rekrutering door moskeeën met imams als El Moumni en het potentiële gevaar dat dit zou kunnen opleveren? Isoleren van deze groepen is zinloos, uitsluiting biedt immers een voedingsbodem aan radicalisme. We moeten ons afvragen waarom zoveel moslimjongeren zich afkeren van de maatschappij die pretendeert voor iedereen te zijn. De oorzaken zijn voor een belangrijk deel te vinden in hun ontworteling. Vooral de Tamazign (Marokkanen uit het noorden van Marokko) ondervinden in een samenleving die gelooft in individuele prestaties, een gebrek aan spirituele veiligheid. Ouders zijn niet zelden analfabeet en komen uit een agrarische samenleving. Veel jongeren kunnen door die ontworteling niet genoeg aansluiting vinden en zich moeilijk handhaven in een groep. Wanneer je geen goede voorbeelden hebt, tijdens je opleiding geen stageplek vindt, niet bij disco's naar binnen mag, niet wordt aangenomen vanwege je achternaam ... Wanneer dit allemaal in verband staat met je afkomst - niet alleen van jezelf, maar ook van anderen - kan het gebeuren dat je je terugtrekt uit die samenleving. Dan kan het gebeuren dat imams als El Moumni veel toehoorders krijgen.

Wat nu? Deze jongeren verder isoleren, kan leiden tot radicalisering. Zo ver lijkt het duidelijk. Niettemin is het bijzonder moeilijk tot een goed antwoord te komen. Voor iedere stelling of oplossing moet tegenwoordig direct verantwoording afgelegd worden. Alle discussieonderwerpen zijn intussen op de spits gedreven. Steeds minder het poldermodel, steeds meer stellingname; je bent vóór of je bent tegen.

Ruimte

Er wordt in Nederland veel langs de lijn van culturele achtergronden gedacht. Door voor- en tegenstanders. Iemands culturele achtergrond verklaart dan het gehele denken en handelen. Draag je een hoofddoek, word je onderdrukt. Ben je moslim, ga je dus naar de moskee. Bij de verklaring van maatschappelijke problemen wordt het cultuurverschil tussen groepen als doorslaggevende factor gezien. Bij criminelen van Marokkaanse afkomst wordt door politici als Wilders gezegd dat ze crimineel zijn vanwege hun Marokkaanse en islamitische cultuur en gemakshalve niet gekeken naar de sociaal-economische factoren. Bedrijven en instellingen die te maken krijgen met allochtone cliënten en medewerkers, vragen anno 2006 nog om informatie over "allochtoonse mensen". De gewenste trainingen moeten gaan over culturele achtergronden; individuen worden daartoe gereduceerd. Niet meer die HBO student, maar die Marokkaanse. Niet gewoon wethouder, niet gewoon bakker, niet gewoon wie jij vindt dat je bent. Er is dus een groep 'wij' en een groep 'zij'.
Wij, dat zijn per definitie de autochtone Nederlanders, wit dus. Daaronder vallen ook de voetbalfans die ten tijde van de Wereldkampioenschappen hun straten oranje kleuren. Even grofweg gezegd, mensen met ouders die hier geboren zijn.
Zij, dat zijn migranten, ook als hun grootouders hier al heen zijn gekomen; al dan niet met hoofddoek of in Djellaba gestoken, maar afkomstig uit de niet-westerse wereld. Mensen die hier nog steeds worden gezien als totáál anders, met wie je maar weinig gemeen hebt, juist vanwege die andere culturele achtergrond.

In de discussie over integratie is deze benadering echter niet vruchtbaar gebleken. Halleh Ghorashi, hoogleraar management en diversiteit aan de Vrije Universiteit, zelf van Iraanse afkomst, pleit voor een andere visie op cultuur en omgaan met elkaar. "Het gaat bij democratie niet om de meerderheid, maar juist om ruimte voor de minderheid", aldus Ghorashi die vindt dat democratie anders zou moeten worden geïnterpreteerd. " Democratie is niet alleen een staatsvorm, maar ook een leefwijze en houding die inhouden dat je bij voorbaat accepteert dat de ander anders mag zijn. Het gaat hier om een open en nieuwsgierige houding en een bereidheid opzij te stappen." "Immers", zo gaat Ghorashi verder, "we kunnen niet naar de ander luisteren zonder tijdelijk achter onze eigen overtuiging een vraagteken te zetten. Dit betekent geen twijfel aan eigen ideeën, maar een aanzet tot een gemeenschappelijke ruimte, een tijdelijke ruimte om te kunnen luisteren en de ander te kunnen naderen. Een belangrijk onderdeel van de democratische cultuur is dan ook dat je niet alleen kijkt naar verschillen, maar juist naar overeenkomsten tussen jou en de ander." 1

Tweerichtingsverkeer

Natuurlijk, dat klinkt als een ideaal beeld. Maar er zullen altijd situaties blijven bestaan die om een antwoord vragen. Situaties die niet eenvoudigweg op te lossen zijn met een stap opzij van de meerderheid. Ook minderheden moeten beseffen dat hun keuzes gevolgen hebben voor de totale samenleving en loyaliteit tonen aan die samenleving waarvan zij deel uitmaken. Wanneer je als moslima geen hand wil geven aan mannen, is het gevolg dat niet alle banen voor jou geschikt zullen zijn. Niemand betwist jouw religieuze vrijheden, maar de keuzes die je maakt, kunnen je hinderen in je carrière. In burqa een uitkering aanvragen bij de Sociale Dienst, kan dus betekenen dat die wordt afgewezen. De wet zegt namelijk dat je beschikbaar moet zijn voor de arbeidsmarkt en als je jezelf helemaal bedekt, heb je je bij voorbaat al uitgeschakeld voor de arbeidsmarkt.
Moslims zijn er in Nederland. Een tweerichtingsverkeer mag worden verwacht, evenals inspanningen van twee kanten. Dus ook van de nieuwkomer, of moslim, of van welke minderheid dan ook. In Nederland wordt de gelegenheid geboden de islam te belijden, er zijn vierhonderd moskeeën en een 'artikel 23' dat islamitisch onderwijs mogelijk maakt. Er is ruimte voor het begraven van moslims en halal voedsel is verkrijgbaar. De hoofddoek wordt - eindelijk - een steeds meer geaccepteerd beeld. Kortom, er is vrijheid van godsdienst. Een vrijheid die voor veel migranten in het land van herkomst, of dat van hun ouders, niet zo bestaat. Het ontslaat moslims van hun kant niet van de verantwoordelijkheid een bijdrage te leveren aan die samenleving. De islam is hier volgens imam Mohamed Ousalah overigens helder over: "Als gemeenschap maak je gebruik van allerlei voorzieningen en dan dien je ook een bijdrage te leveren aan het instandhouden van die voorzieningen." 2

In het formuleren van beleid, in het bedenken van oplossingen en in het leven met elkaar, moet wel een andere wind gaan waaien. Zo dient 'de politiek' op te houden met twee maten te meten en te handelen in de geest van de democratische regels. Gelijke monniken, gelijke kappen. Daarmee oogst je geloofwaardigheid en vertrouwen naar alle groepen toe. Er is een noodzakelijke en onvermijdelijke verandering in het denken en handelen nodig en bij de dominante groep een reële bereidheid een stap opzij te doen.
We moeten toe naar een land, waarin de culturele, religieuze en etnische afkomst niet bij voorbaat al bepalend is voor het bestaan als burger in deze samenleving. Op weg naar een land, waarin allen aan een gezamenlijke toekomst werken. De diverse afkomst kan namelijk ook een verrijking zijn van een door allen gedeeld burgerschap.


1 Halleh Ghorashi, Oratie Vrije Universiteit van Amsterdam, Paradoxen van Culturele Erkenning. Management van Diversiteit in Nieuw Nederland, 13 oktober 2006 (terug)
2 Mohamed Ousalah, Inleiding conferentie "Interculturele zorg op maat", Gouda 16 november 2006. Ousalah is vice-voorzitter Vereniging Imams Nederland. (terug)