welkom
commentaren
Solidariteit

Commentaar 102 - 14 september 2008

Commissie Bakker zit er helemaal naast

Servaas Storm

De vergrijzing is niet te financieren door een hogere arbeidsparticipatie, zoals de Commissie Bakker beweert, wel door een hogere arbeidsproductiviteit. De voorgestelde hervormingen van 'Bakker' zullen de productiviteitsgroei schaden en maken het daardoor juist moeilijker de kosten van vergrijzing te dekken.

Zoals bekend, moet volgens de Commissie Bakker de arbeidsparticipatie in Nederland drastisch omhoog om de kosten van de vergrijzing op te vangen. Immers, door de vergrijzing neemt de beroepsbevolking af, terwijl de kosten voor AOW en medische zorg toenemen. Om die kosten duurzaam te financieren - dus uitgaande van begrotingsevenwicht en een gelijkblijvende druk van belastingen en sociale premies - moet volgens de berekeningen van het CPB ons nationale inkomen met tenminste 2 procent per jaar toenemen. En volgens de Commissie Bakker zullen wij allemaal méér moeten werken om dat voor elkaar te krijgen.

Prullenmand

Maar wat de Commissie Bakker en ook minister Donner vergeten, is dat we ons inkomen op een andere manier kunnen vergroten, namelijk door efficiënter en productiever te werken. Productiever werken betekent dat we meer inkomen scheppen per gewerkt uur. In plaats van méér uren te werken, zouden we de kosten van de vergrijzing dus ook kunnen financieren door in de loop van de tijd de productiviteit van onze arbeid te verhogen. Dit voorjaar hebben Ro Naastepad en ik in het economenblad ESB voorgerekend dat de door de Commissie Bakker voorgestelde strategie van 'liever vlijtig dan productief' hopeloos is.1 Wordt uitgegaan van de gangbare veronderstellingen (geen hogere staatsschuld, geen belastingverhogingen, enzovoort), dan zou bij de huidige lage groei van de arbeidsproductiviteit een fantastische verhoging van de arbeidsparticipatie (tot meer dan 100 procent) moeten plaatsvinden om uit de kosten van vergrijzing te komen. Iedereen in de leeftijd van 15-65 jaar zou dus een volledige baan moeten hebben! Het kan anders. Zou het bijvoorbeeld lukken de groei van de arbeidsproductiviteit naar 2,4 procent per jaar te verhogen, dan zouden we met de huidige participatiegraad van 68 procent prima kunnen volstaan. De hele discussie over méér en langer werken zou dus zo naar de prullenmand kunnen.

Meer van hetzelfde

Is het wel realistisch de productiviteitsgroei naar 2,4 procent te willen tillen? Op zich is dat mogelijk. In veel Europese landen - bijvoorbeeld Finland, Noorwegen, Oostenrijk, Zweden en ook Duitsland - groeit de productiviteit met 2,4 procent (of meer) per jaar, dus waarom niet in Nederland? Wat opvalt, is dat dit allemaal landen zijn met sterk gereguleerde, 'starre' arbeidsmarkten, met veel coördinatie van en overleg over lonen en arbeidsvoorwaarden, hoge belastingen op arbeid en met (relatief) weinig inkomensongelijkheid. Het Haagse arbeidsmarktbeleid is er daarentegen al meer dan 25 jaar op gericht arbeid goedkoop en flexibel te maken. De voorstellen van de Commissie Bakker om het arbeidsaanbod te vergroten en de arbeidsmarkt te flexibiliseren zijn 'meer van hetzelfde'. Ze komen neer op matiging van de loongroei en een verslechtering van de arbeidsvoorwaarden en arbeidsverhoudingen. Deze maatregelen zullen een rechtstreeks negatieve invloed hebben op de groei van de arbeidsproductiviteit. Ze leiden namelijk tot minder productiviteitsverhogende investeringen door bedrijven, meer macro-economische onzekerheid, meer ongelijkheid en minder betrokkenheid en motivatie van werknemers. De lagere groei van de arbeidsproductiviteit maakt dan vervolgens een nóg hogere participatiegraad nodig. Dit is een hopeloze weg.

Schrikbeeld

Waarom stelt de Commissie Bakker dit alles dan voor? Het antwoord hierop is niet eenvoudig. Wellicht speelt het volgende mee. Door de vergrijzing daalt de beroepsbevolking en wordt arbeid schaarser. Bedrijven zullen meer moeite moeten doen om personeel te werven, werknemers kunnen kieskeuriger zijn en hogere eisen stellen wat betreft lonen en arbeidsvoorwaarden. Werknemers krijgen in de toekomst dus meer macht, zeker wanneer ze zich effectief organiseren. Dit zal een schrikbeeld zijn voor ondernemers en managers die (onterecht) denken dat hogere lonen en gunstigere arbeidsvoorwaarden hun winsten zullen drukken. Misschien zijn de voorstellen van de Commissie Bakker bedoeld om dit schrikbeeld te voorkomen door de (arbeidsrechtelijke) positie van werknemers te verzwakken ruim voordat arbeid echt schaars wordt?

In ieder geval is het zo dat met alleen maar 'werk, werk en nogmaals werk' de vergrijzing niet te financieren is. Dit betekent dat de druk van belastingen en premies in de komende 35 jaar zal toenemen, ook al stijgt de arbeidsparticipatie sterk. Of het betekent een verdere afbraak van het stelsel van sociale zekerheid en pensioenen, als de politici die oplopende belastingdruk weigert te accepteren. Het laatste scenario lijkt me politiek het meest waarschijnlijk.


1 S. Storm en C.W.M. Naastepad, Wat de Commissie Bakker weten moet, Economisch Statistische Berichten, 2008, jg. 93 (nr. 4534), blz. 260-263. Beiden werkzaam aan de Technische Universiteit Delft. (terug)

Klik hier