Dat Internet een belangrijke rol speelt bij de organisatie van wilde stakingen bij NS is inmiddels wel duidelijk. Conducteurs en machinisten van de vorig jaar plots ontstane personeelscollectieven in de NS-standplaatsen sturen elkaar e-mails waarin ze klagen over de werkomstandigheden en porren elkaar zo op om in actie te komen. De bonden staan hierbij buitenspel.
Jim van Dongen, lid van het bijna vijftien jaar bestaande Amsterdams Machinisten Kollektief (AMK) zegt er trots op te zijn dat het IISG alle onderlinge e-mails digitaal opslaat zodat historici en andere onderzoekers er in de toekomst gebruik van kunnen maken. Het initiatief kwam overigens voort uit het collectief zelf, zegt Van Dongen. "We realiseerden ons dat we geschiedenis aan het maken zijn. Wat wij nu doen is nog nooit gebeurd. Maar omdat de discussie en de organisatie niet zoals vroeger via pamfletten, maar via e-mails gaat, is het risico groot dat alles verloren gaat." Hij is dan ook blij met de geschiedkundige erkenning van het instituut.
Dat het 'rode bolwerk' IISG aandacht heeft voor de 'moderne vorm van arbeiderszelfbestuur' dan wel 'georganiseerde anarchie' bij de Nederlandse Spoorwegen is eigenlijk heel vanzelfsprekend. Het in 1935 opgerichte instituut is een van de grootste documentatie- en onderzoekscentra ter wereld op het terrein van sociale geschiedenis en arbeidersbewegingen. Naast geschriften van Marx, Trotsky en andere sociaalrevolutionaire figuren is hier ook de nalatenschap van Nederlandse sociaal-democraten Ed van Thijn en Joop de Uyl ondergebracht.
Volgens digitaal medewerker bij het IISG Jenneke Quast maken sociale bewegingen in toenemende mate gebruik van Internet en e-mails. "Vroeger was het natuurlijk een kwestie van papiertjes over de post. Maar net als toen heeft het archiveren van deze onderlinge boodschappen erg weinig aandacht. Mensen realiseren zich vaak pas later dat dit soort documenten verloren zijn gegaan voor het nageslacht." Het opslaan van de e-mails maakt deel uit van het internationale project 'Occasio' (Latijns voor 'een gunstige gelegenheid waar je gebruik van moet maken'). Het instituut gaat er namelijk vanuit dat elektronisch opgeslagen data via Internet nieuwe kansen biedt om de geschiedenis in de toekomst te bestuderen. Digitaal opgeslagen e-mails kunnen namelijk relatief makkelijk worden opgezocht en bestudeerd. Zo worden er op dit moment ook e-mails uit roerige landen als voormalig Joegoslavië, China en Latijns-Amerika opgeslagen.
Toch zijn e-mails volgens Quast ook erg kwetsbaar. "Het is een vluchtig medium. Veel schijven worden gewist. En de technologie verandert snel. Wordperfect 3.0 is nu al niet meer te lezen op de nieuwe computers." Om over de e-mails te kunnen beschikken heeft Quast het wachtwoord gekregen van het Amsterdamse Machinisten Kollectief. Aan archiveren komt ze voorlopig niet toe. "We zijn al blij dat we alles electronisch kunnen opslaan. Dat de personeelscollectieven een rol van betekenis spelen, staat voor haar vast. "Geschiedenis wordt aldoor gemaakt."
Dat de personeelscollectieven een factor van betekenis zijn werd deze week trouwens ook erkend door voormalig vakbondsman en PvdA'er Johan Stekelenburg. Tijdens de persconferentie over het zijn overigens mislukte advies aan de NS-directie noemde hij de collectieven "een eigenaardig verschijnsel dat we in Nederland niet kennen." Blij is hij er niet mee omdat de vakbond en de normale democratische overlegcircuits buitenspel staan. Stekelenburg: "De collectieven zijn ontstaan door onvrede over de vakbonden én de NS-directie. Maar eigenlijk dient dit verschijnsel zo snel mogelijk te verdwijnen door van de NS weer een regulier bedrijf te maken met normale arbeidsverhoudingen." Niettemin, de kans is groot dat Stekelenburg en de personeelscollectieven ooit gebroedelijk naast elkaar staan in het al even rode in Amsterdam gevestigde Nationaal Vakbondsmuseum.
Marcel van Silfhout (Utrecht/Amsterdam, 20 maart 2001)