nr. 114
jul 2003

welkom
edities
inhoud

Solidariteit

Stelsel sociale zekerheid - eis van Euromarsen

Europees minimuminkomen

Drie jaar geleden tijdens de Eurotop in Lissabon werd afgesproken dat de Europese Unie de meest concurrerende en dynamische kenniseconomie van de wereld moest worden. En dat niet alleen, die economie moest ook in staat zijn tot duurzame groei met meer en betere banen en een hechtere sociale samenhang. Sindsdien wordt alles in het werk gesteld om deze ambities waar te maken. De vrije marktwerking krijgt een nog hogere prioriteit, de concurrentie wordt gereguleerd, enzovoort. Ook op andere gebieden wordt veel ondernomen. Vreemdelingen worden geweerd, politionele taken en bevoegdheden worden afgestemd, enzovoort. En met de sociale zekerheid, wat gebeurt daar mee?

Formeel behoort dit beleidsterrein niet tot de bevoegdheid van de Europese Unie. Materieel echter, dreigt de sociale zekerheid het kind van de rekening te worden. Tussen de lidstaten dreigt een wedloop om de verlaging of afschaffing van het minimumloon en de verlaging van de kosten van de sociale zekerheid.

Algemeen principe

Sinds 1997 is het Nederlands Comité Euromarsen tegen werkloosheid, armoede en sociale uitsluiting actief op het terrein van de sociale zekerheid. Samen met zusterorganisaties in een toenemend aantal landen in Europa wordt campagne gevoerd voor een "Sociaal Europa". Centraal daarin staat de eis van een gegarandeerd bestaansminimum in elk land dat 50 procent van het bruto nationaal product per hoofd van de bevolking bedraagt.

Deze eis is de uitkomst van een uitvoerige vergelijking van de systemen van sociale zekerheid in de afzonderlijke landen. Meestal bestonden er oudedagvoorzieningen en/of pensioenvoorzieningen en al of niet tijdelijke regelingen bij werkloosheid en invaliditeit. Maar de hoogte van de uitkeringen, de toegangsvoorwaarden en de criteria voor uitbetaling liepen zozeer uiteen dat voor een gezamenlijk actieperspectief een algemeen geformuleerd principe gevonden moest worden.

Berekend voor Nederland komt het nieuwe minimuminkomen op een bedrag van ongeveer 1.094 euro per maand. In Luxemburg is dat 1.876 en in Griekenland 651 euro per maand. Bij invoering zullen de minima in alle lidstaten van de Europese Unie er flink op vooruitgaan.

Kapitaalinkomens

Dit plan van de Euromarsen voor de verdeling van de welvaart beperkt zich niet tot een hoger gegarandeerd sociaal minimum. De verdeling van alle welvaart in een land wordt aan de orde gesteld.

Laten we eerst nog eens de basis van een stelsel van sociale zekerheid aangeven: een regeling van de bestaanszekerheid van eenieder die om welke reden dan ook uitgesloten is van deelname aan de loonarbeid. Wordt zo'n stelsel alleen of voornamelijk gefinancierd uit belastingen en premies op inkomsten uit loonarbeid, dan wordt volgens de Euromarsen het solidariteitsbeginsel op een verkeerde manier uitgewerkt. Bij een dergelijke (her)verdeling van de welvaart blijven namelijk belangrijke inkomens en 'welvaartscomponenten' buiten beschouwing. Om precies te zijn de winsten en andere kapitaalinkomens. Kortom, de benadering van de Euromarsen stelt de financieringsgrondslag van het huidige stelsel van sociale zekerheid ter discussie. Welke welvaart of wiens deel van de welvaart wordt (her)verdeeld?

Met deze opvatting onderscheiden de Euromarsen zich onder meer van de Sociale Alliantie, waarvan organisaties als de FNV en Sjakuus deel uitmaken. Deze alliantie volgt de Europese Commissie door het sociaal minimum of de armoedegrens te leggen op 50 of 60 procent van het mediaan inkomen (ligt in het midden van de totale reeks van inkomens). Behalve dat dit uitkomt op een aanzienlijk lager bedrag, wordt per definitie alleen de inkomens(verdeling) uit loonarbeid in beschouwing genomen.

Op weg

Deze discussie over de financieringsgrondslag opent een nauwelijks ontgonnen (strijd)terrein. Dat is zeer gewenst, omdat de gevechten van de laatste jaren steeds maar weer draaiden om de hoogte van de uitkeringen, de uitvoering van allerlei regelingen en bijkomende kwesties als Zalmsnip, bijzondere bijstand, enzovoort. Veeleisende bezigheden die principieel onderzoek blokkeerden.

Het behoeft nauwelijks betoog dat we in het huidige politieke klimaat deze discussie niet geheel op eigen voorwaarden kunnen voeren. De Euromarsen zullen dan ook onderzoeken of en hoe we in kringen van de Socialistische Partij, GroenLinks, Partij van de Arbeid en FNV en bij een verdwaalde christen-democraat de bal aan het rollen krijgen. Dat kan rechtstreeks en dikwijls ook via 'intermediaire' groepen en organisaties uit het verenigingsleven dat de sociaal-democratie rijk is. Daarbij kunnen we ons oor te luisteren leggen bij 'geïsoleerde' academici die pleiten voor een andere grondslag van de sociale zekerheid en de verzorgingsstaat. De Euromarsen gaan dus weer op weg.

Piet van der Lende, Jan Müter

In de financiering van het huidige stelsel van sociale zekerheid blijven de winsten en andere kapitaalinkomens buiten beschouwing.

Foto Chris Pennarts (100 kb)