welkom
commentaren
Solidariteit

Solidariteit commentaar 277 - 31 mei 2015

Veranderen is niet per se verbeteren

Sjaak van der Velden

Links is altijd voorstander van verbetering geweest. En verbetering is verandering, want de bedoeling van verbetering is zaken anders doen. Maar je kunt het niet omdraaien en beweren dat verandering dus verbetering is. Toch is dat wat rechtse politici vaak doen. Daar wordt verandering per se als verbetering voorgesteld en iedereen die geen voorstander is van die verandering weggezet als iemand die tegen verbetering is.

Zo is het ook met de discussie over de verandering van de cao of de oproep van D66-econoom Koolmees om de werkweek te verlengen en af te stappen van een feestdag als tweede pinksterdag. Dat zijn veranderingen en dus in zijn ogen een verbetering.

Regulerende cao

De cao is ooit in het leven geroepen om arbeiders bescherming te bieden tegen grote verschillen in arbeidsomstandigheden. Duidelijk op schrift gestelde afspraken over loon en arbeidstijd maakten een eind aan vriendjespolitiek en andere willekeur. Tijdens onderhandelingen over die voorwaarden schoven de arbeiders hun door de vakbonden betaalde krachten naar voren, zodat de onderhandelaars niet afhankelijk waren van de tegenpartij. Het bleek dat zelfs die tegenpartij voordeel ondervond van een cao, want tijdens de looptijd zou er niet worden gestaakt voor verandering van de afgesproken arbeidsvoorwaarden. De cao maakte zo een eind aan ongereguleerde arbeidsconflicten; beide partijen wisten voor de afgesproken tijd waar ze aan toe waren.
Nog weer later waren ondernemers en vakbonden het er zelfs over eens dat het goed zou zijn als alle betrokken bedrijven onder die cao vallen. Dat betekende namelijk een einde aan concurrentie op loonkosten. Zeker in tijden van crisis kon een ondernemer dan niet langer arbeiders uit de werklozen ronselen om voor lager loon bij hem te werken en hem zo een hogere winst dan zijn collega's te bezorgen. Het is dan ook geen toeval dat deze 'algemeen verbindend verklaring' (avv) tijdens de crisis van de jaren dertig wettelijk werd geregeld.

Concurrerende wereldmarkt

In crisisjaren gebeurt het vaker dat er lang wordt onderhandeld over een nieuwe cao. Zelfs zo lang dat de looptijd van de heersende cao verstrijkt en er dus een cao-loze periode aanbreekt (waarin de voorwaarden van de oude trouwens van kracht blijven). De ondernemers voelen zich sterk omdat de werkloosheid hoog is en de bonden vanwege diezelfde werkloosheid aarzelen met het inzetten van strijdmiddelen.
In zo'n tijd lijken we nu te leven. En dat is natuurlijk fijn voor politici die af willen van de macht van de vakbonden en terug lijken te willen naar een tijd toen er nog geen collectieve regelingen bestonden. Het zijn de voorstanders van een ongeremd individualisme, degenen die het zelf goed voor elkaar hebben en heilig geloven in een wereld zonder vakbonden en arbeidersmacht. Het zijn de VVD'ers en jongens en meisjes van D66 die er heilig van overtuigd zijn dat afschaffing van vrijwel alle bescherming op de arbeidsmarkt een goede verandering inhoudt.
Waarom goed? Omdat zij Nederland en Europa klaar willen stomen voor de concurrentie op de wereldmarkt. Maar dan wel een concurrentie, waarbij ze een race to the bottom accepteren van de voorwaarden waaronder de lokale werknemers hun arbeid verrichten. Lonen zijn namelijk net water: als er geen dijken worden opgeworpen dan hebben ze de neiging naar het laagste punt te vloeien. Wat ook zou kunnen, inzetten op verhoogde productiviteit van de arbeid, hebben de rechtse politici nog niet als les uit eerdere crisissen getrokken. Neem de jaren vijftig, toen kende Nederland in Europees verband zeer lage lonen. Dat betekende een technologische achterstand voor het nationale bedrijfsleven, want waarom zou een bedrijf investeren in nieuwe technieken als arbeiders voor een habbekrats konden worden ingehuurd? Iets soortgelijks dreigt nu ook.

FNV neemt handschoen op

En daar komt nog iets bij. Waarom zouden mensen langer moeten werken door bijvoorbeeld feestdagen af te schaffen? De mens is toch niet alleen op aarde om te werken? Juist van twee seculiere politieke partijen zou je mogen verwachten dat ze dit Bijbelse gebod afwijzen. Maar nee hoor, met valse argumenten komen uit die hoek pleidooien om meer uren te werken. En natuurlijk wordt er naar het buitenland gewezen. Maar onze buurlanden, om er maar twee te noemen, hebben meer nationale feestdagen dan Nederland, dus vanwaar dan dit pleidooi?
Iets dergelijks geldt voor de extreem toenemende flexibilisering van de arbeid. Nederland is daarin al kampioen maar nog is het voor rechtse lieden niet genoeg. Ze willen de individuele arbeider zo ver mogelijk op zichzelf terugwerpen, een soort kleine baasjes zonder collectieve regeling van hen maken. Het lijkt er op dat ze zo ook de macht van de vakbeweging, die toch al jaren onder druk staat, de genadeklap proberen te geven door het afnemen van met name het kroonjuweel de cao. De FNV, net aan het opkrabbelen uit een jarenlange interne strijd, moet die handschoen opnemen. Dat betekent nadenken over wegen om de reeds geflexibiliseerde arbeiders een podium te geven, maar vooral om te strijden tegen de voorgestelde verdere veranderingen. Want het zijn zeker veranderingen, maar even zeker geen verbeteringen, althans niet voor de werkers.

Klik hier